Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Locatie: Groningen
vonnis van 19 november 2025
PROCESGANG
RECHTSOVERWEGINGEN
Verzocht om eerdere ingangsdatum
BESLISSING
van dit vonnis;
en telegrammen.
Rechtbank Noord-Nederland
In deze zaak heeft de Rechtbank Noord-Nederland op 19 november 2025 uitspraak gedaan over een verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) door een verzoeker die in financiële problemen verkeert. De verzoeker heeft op 7 mei 2025 een verzoekschrift ingediend, dat op 7 november 2025 ter zitting is behandeld. Tijdens de zitting was de verzoeker aanwezig, samen met zijn beschermingsbewindvoerder. De rechtbank heeft vastgesteld dat de verzoeker in een toestand verkeert waarin hij heeft opgehouden te betalen en dat hij een schuldenlast heeft van € 23.916,64, voornamelijk bestaande uit belastingschulden en verkeersboetes. De rechtbank heeft ook geconstateerd dat de verzoeker in de drie jaar voorafgaand aan het verzoek niet te goeder trouw is geweest ten aanzien van het ontstaan van zijn schulden, wat in principe een weigering van het verzoek tot WSNP zou betekenen. Echter, de verzoeker heeft een beroep gedaan op de hardheidsclausule, die kan leiden tot toewijzing van het verzoek ondanks de weigeringsgrond. De rechtbank heeft overwogen dat de verzoeker zijn situatie heeft verbeterd door zijn verslaving onder controle te krijgen en dat hij nu in staat is om de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling na te komen. De rechtbank heeft besloten het verzoek toe te wijzen en de termijn van de WSNP vast te stellen op 18 maanden, te rekenen vanaf de datum van het vonnis. Tevens is mr. H.J. Idzenga benoemd tot rechter-commissaris.