ECLI:NL:RBNNE:2025:5608
Rechtbank Noord-Nederland
- Verstek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen erkenning en tenuitvoerlegging confiscatiebesluit België
Op 23 juni 2025 stelde veroordeelde beroep in tegen de beslissing van de officier van justitie tot erkenning en tenuitvoerlegging van een confiscatiebesluit van de Correctionele rechtbank Antwerpen uit 2018, waarbij nog €48.650 ten uitvoer moest worden gelegd.
De rechtbank toetste het beroep aan de Verordening (EU) 2018/1805 en artikel 39 van Pro de WWETGC. Veroordeelde stelde dat erkenning zou leiden tot een strafverzwaring door toepassing van lijfsdwang in Nederland, wat in België niet mogelijk is, en daarmee een schending van grondrechten.
De rechtbank verwees naar het arrest van het Hof van Justitie van de EU van 10 januari 2019, dat bevestigt dat toepassing van lijfsdwang in Nederland geen belemmering vormt voor erkenning. Persoonlijke en financiële omstandigheden van veroordeelde zijn geen weigeringsgrond volgens de wet.
De rechtbank concludeerde dat de officier van justitie in redelijkheid tot zijn beslissing kon komen en verklaarde het beroep ongegrond. Daarmee blijft het confiscatiebevel van België erkend en uitvoerbaar in Nederland.
Uitkomst: Het beroep tegen de erkenning en tenuitvoerlegging van het Belgische confiscatiebevel wordt ongegrond verklaard.