Deze uitspraak betreft de verhoging van de WIA-uitkering van eiser, die per 1 december 2022 is verhoogd van de arbeidsongeschiktheidsklasse van 55 tot 65% naar 65 tot 80%. Eiser is van mening dat deze verhoging onvoldoende is en heeft hiertegen beroep ingesteld. De rechtbank heeft de zaak op 21 oktober 2025 behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van het Uwv. De rechtbank oordeelt dat het Uwv zijn besluit zorgvuldig heeft genomen en dat er geen belemmering van effectieve rechtsbescherming is geweest. Eiser heeft zijn zaak in volle omvang kunnen voorleggen en de rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is. De rechtbank wijst erop dat de verzekeringsarts Michel voldoende heeft gemotiveerd waarom een fysiek spreekuurcontact niet nodig was, en dat de rapportages van de verzekeringsartsen inzichtelijk en begrijpelijk zijn. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst erop dat eiser geen recht heeft op terugbetaling van griffiekosten of vergoeding van proceskosten.