ECLI:NL:RBNNE:2026:1100
Rechtbank Noord-Nederland
- Op tegenspraak
- H.C.L. Vreugdenhil
- M.M. Spooren
- C.A.M. Veenbaas
- Rechtspraak.nl
Verlenging terbeschikkingstelling met dwangverpleging wegens borderline persoonlijkheidsstoornis
De rechtbank Noord-Nederland heeft op 24 februari 2026 besloten de terbeschikkingstelling (TBS) van de veroordeelde met twee jaren te verlengen. De veroordeelde is sinds 2017 ter beschikking gesteld wegens doodslag en verblijft sinds 2024 in een forensisch psychiatrisch centrum (FPC). De verlenging volgt op een advies van het behandelteam en een deskundige, die aangeven dat de behandeling nog in een vroeg stadium is en dat intensieve begeleiding noodzakelijk blijft.
De veroordeelde lijdt aan een borderline persoonlijkheidsstoornis en vertoont een vijandige en dreigende houding, wat heeft geleid tot een spoedoverplaatsing en een aanvraag van een EVBG-status. Ondanks de afhankelijkheid van intensieve begeleiding en het risico op agressieve escalaties, verblijft hij sinds september 2025 op een reguliere sociaal-therapeutische afdeling. De behandeling omvat onder meer het afronden van een delictanalyse en verdere psychotherapeutische modules.
De officier van justitie vorderde de verlenging met twee jaren, terwijl de raadsvrouw van de veroordeelde instemde met verlenging maar pleitte voor een termijn van één jaar om de voortgang te kunnen blijven toetsen. De rechtbank oordeelde dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid dit vereisen en dat de behandeling naar verwachting meer dan twee jaar zal duren. Daarom werd de verlenging met twee jaren toegewezen.
De beslissing is genomen met inachtneming van de artikelen 38d en 38e van het Wetboek van Strafrecht en is uitgesproken door een meervoudige strafkamer van de rechtbank Noord-Nederland.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met dwangverpleging met twee jaren vanwege de noodzaak van voortzetting van behandeling en het risico op gewelddadig gedrag.