ECLI:NL:RBNNE:2026:1234
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ontbreken bezwaar- of beroepschrift
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland op 24 maart 2026 uitspraak gedaan over een verzoek om een voorlopige voorziening. Verzoek(st)er heeft het verzoekschrift ingediend zonder het vereiste bezwaar- of beroepschrift en het besluit waarop het geschil betrekking heeft te overleggen. Dit is een vereiste volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De griffier heeft verzoek(st)er bij brief verzocht om binnen een week het verzuim te herstellen, met de waarschuwing dat het verzoek anders niet-ontvankelijk verklaard zou kunnen worden. Verzoek(st)er heeft hier niet op gereageerd. De voorzieningenrechter heeft daarom het verzoek om voorlopige voorziening kennelijk niet-ontvankelijk verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting, conform artikel 8:83, derde lid, Awb. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van het bezwaar- of beroepschrift en het besluit.