ECLI:NL:RBNNE:2026:128
Rechtbank Noord-Nederland
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing van een besluit tot woningsluiting op grond van de Opiumwet
Op 21 januari 2026 heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Nederland uitspraak gedaan in een zaak betreffende een verzoek om voorlopige voorziening. Verzoeker, vertegenwoordigd door mr. G. Vermeulen, had bezwaar gemaakt tegen een besluit van de burgemeester van Meppel, dat op 19 januari 2026 was genomen. Dit besluit hield in dat de woning aan de Gedeputeerde Dekkerweg 11 in Nijeveen voor de duur van drie maanden gesloten zou worden op grond van artikel 13b van de Opiumwet. Verzoeker verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening, omdat de sluiting al op 21 januari om 12:00 uur zou plaatsvinden.
De voorzieningenrechter heeft vastgesteld dat er geen zitting heeft plaatsgevonden, zoals toegestaan onder artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De burgemeester was niet bereid om de sluiting uit te stellen tot na de uitspraak van de voorzieningenrechter. Gezien de urgentie van de situatie en de betrokken belangen, heeft de voorzieningenrechter besloten om het bestreden besluit bij wijze van ordemaatregel te schorsen. Dit betekent dat de sluiting van de woning niet door kan gaan tot uiterlijk twee weken na de uitspraak van de voorzieningenrechter, zodat er voldoende tijd is om het verzoek om voorlopige voorziening verder te beoordelen.
De voorzieningenrechter heeft aangegeven dat de ordemaatregel een voorlopig karakter heeft en dat de uiteindelijke beslissing over de voorlopige voorziening op een zitting op 28 januari 2026 zal worden genomen. De uitspraak is gedaan door mr. H.J. Bastin, in aanwezigheid van griffier mr. D.A. Bekking, en is openbaar uitgesproken op 21 januari 2026. Een afschrift van de uitspraak is verzonden aan de betrokken partijen.