ECLI:NL:RBNNE:2026:1306
Rechtbank Noord-Nederland
- Mondelinge uitspraak
- A.G.Z. Lagerweij
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaard beroep tegen boete voor foutief parkeren op pleeglocatie
Betrokkene kreeg een boete van €129 opgelegd wegens parkeren met een ander doel dan op het bord aangegeven op een pleeglocatie in Groningen. Zij voerde aan dat er al jaren een parkeerprobleem is en dat zij met een wijkagent afspraken had gemaakt om de parkeerplaats incidenteel te gebruiken voor het uitladen van een rolstoel of scootmobiel van haar gehandicapte man. Ook stelde zij dat de bebording onduidelijk was en mogelijk ook een invalidenparkeerplaats aanduidde.
De officier van justitie nam geen standpunt in. De kantonrechter oordeelde dat de overtreding vaststaat en dat het bord duidelijk aangeeft dat alleen bezoekers mogen parkeren. Betrokkene woont in de flat waarvoor de parkeerplaats bestemd is, waardoor zij niet als bezoeker wordt gezien. De kantonrechter vond de omstandigheden niet voldoende om de boete te matigen of te vernietigen, mede omdat betrokkene geen bewijs leverde van de vermeende afspraken met de wijkagent.
De kantonrechter verklaarde het beroep ongegrond en wees op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending van de beslissing. De procedure was mondeling behandeld op 27 maart 2026 in Groningen, waarbij betrokkene aanwezig was en de officier van justitie niet vertegenwoordigd was.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete voor foutief parkeren op de pleeglocatie wordt ongegrond verklaard.