ECLI:NL:RBNNE:2026:1485
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde woning en toekenning proceskostenvergoeding
De heffingsambtenaar van de gemeente Westerwolde stelde de WOZ-waarde van de woning van eiser op 1 januari 2023 vast op €184.000. Eiser maakte bezwaar tegen deze beschikking, dat bij uitspraak op bezwaar op 14 november 2024 ongegrond werd verklaard. Hiertegen werd beroep ingesteld bij de rechtbank Noord-Nederland.
Tijdens de zitting op 3 maart 2026 bereikten partijen overeenstemming over een verlaging van de WOZ-waarde naar €165.000. De rechtbank volgde dit en verklaarde het beroep gegrond, waarbij de uitspraak op bezwaar werd vernietigd en de waarde werd verminderd.
Daarnaast werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht van €51 en proceskosten van €1.044,07 aan eiser. Deze proceskosten omvatten een vergoeding voor beroepsmatige bijstand, een taxatierapport en de inzet van een deskundige bij de hoorzitting. De rechtbank wees het bezwaar van de heffingsambtenaar tegen vergoeding van de deskundige af, verwijzend naar het toepasselijke Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak werd gedaan door rechter M.W. de Jonge op 23 april 2026 te Groningen. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt verlaagd naar €165.000 en de heffingsambtenaar wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.