ECLI:NL:RBNNE:2026:1529
Rechtbank Noord-Nederland
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek vergoeding kosten na beleidssepot snelheidsovertreding
De rechtbank Noord-Nederland behandelde een verzoek op grond van artikel 530 Sv Pro tot vergoeding van kosten die verzoeker maakte in een strafzaak die door het Openbaar Ministerie beleidsmatig werd geseponeerd wegens verjaring. Verzoeker vorderde vergoeding van advocaatkosten en kosten voor het indienen van het verzoek.
De rechtbank overwoog dat een sepot niet automatisch leidt tot vergoeding van kosten; er moet een billijkheidsoordeel worden gemaakt waarbij wordt gekeken of de nadelige gevolgen van de verdenking voor rekening van verzoeker moeten blijven of door de Staat gedragen moeten worden. Daarbij is de onschuldpresumptie van artikel 6 EVRM Pro van belang, maar deze sluit een afwijzing niet uit bij een sepot.
In deze zaak was sprake van een gefundeerde verdenking van een snelheidsovertreding, vastgesteld met een gekalibreerde boordsnelheidsmeter over een afstand van 2500 meter. Verzoeker betwistte de verdenking niet. De rechtbank oordeelde dat verzoeker de kosten aan zijn eigen gedrag te wijten heeft en dat het niet passend is dat de Staat deze kosten draagt.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot vergoeding af. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open binnen een maand na betekening.
Uitkomst: Het verzoek tot vergoeding van kosten wordt afgewezen omdat de verdenking gegrond was en de kosten aan verzoeker zijn toe te rekenen.