ECLI:NL:RBNNE:2026:161
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tegemoetkoming faunaschade door wolf na weigering veldbezoek taxateur
Eiser, een schapenhouder, diende een verzoek in voor tegemoetkoming faunaschade nadat een van zijn schapen vermoedelijk door een wolf was gedood. Verweerder weigerde tegemoetkoming toe te kennen omdat er geen veldbezoek had plaatsgevonden en geen DNA-monsters waren afgenomen, waardoor de oorzaak van de schade niet kon worden vastgesteld.
Eiser was het niet eens met deze afwijzing en voerde aan dat hij geen inspraak had bij de keuze van de taxateur en dat het taxatierapport zonder veldbezoek vreemd was. Verweerder stelde dat de weigering van eiser om medewerking te verlenen aan het veldbezoek ertoe leidde dat de schade niet kon worden vastgesteld en dat dit voor risico van eiser kwam.
De rechtbank oordeelde dat eiser geen inspraak heeft bij de aanwijzing van de taxateur en dat het oordeel van de taxateur noodzakelijk is voor een objectieve vaststelling van de schade. Omdat eiser niet meewerkte aan het veldbezoek, kon de schade niet worden vastgesteld en was het terecht dat de tegemoetkoming werd geweigerd.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, het bestreden besluit bleef in stand en eiser kreeg geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter H.J. Bastin op 7 januari 2026.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de tegemoetkoming faunaschade wordt ongegrond verklaard vanwege het ontbreken van medewerking aan het veldbezoek van de taxateur.