Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNNE:2026:1863

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
23 maart 2026
Publicatiedatum
21 mei 2026
Zaaknummer
11778196 BU VERZ 25-1398
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Rechters
  • W.B. Jongsma
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 11 Wahv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Matiging van boete voor niet-verzekerd houden van landbouwvoertuig na snelle schorsing

Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens het niet afsluiten en in stand houden van een verzekering voor een landbouwvoertuig, vastgesteld op 14 april 2023. Betrokkene erkent de overtreding, maar voert aan dat het voertuig een kleine trekker is die niet op de openbare weg is gebruikt en snel is geschorst na kennisname van de boete.

De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Tijdens de zitting op 23 maart 2026 werd het beroep behandeld en onmiddellijk uitspraak gedaan.

De kantonrechter oordeelt dat betrokkene geen zekerheid hoefde te stellen vanwege haar ernstige arbeidsongeschiktheid en behandelt het beroep inhoudelijk. Gezien de snelle schorsing en het feit dat het voertuig niet op de openbare weg is gebruikt, matigt de kantonrechter de boete van €409 naar €109. De boete wordt niet verder verlaagd omdat betrokkene geacht wordt op de hoogte te zijn van de verzekeringsplicht.

Tegen deze beslissing kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.

Uitkomst: De boete voor het niet verzekeren van het landbouwvoertuig wordt gematigd tot €109 vanwege snelle schorsing en niet gebruik op de openbare weg.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Zittingsplaats Leeuwarden
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 258188970
zaaknummer: 11778196 BU VERZ 25-1398

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van23 maart 2026

in de zaak van

[betrokkene] (de betrokkene),

die woont in [plaats] .

Inleiding

1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘voor een motorrijtuig niet de vereiste verzekering afsluiten en in stand houden’, vastgesteld door de RDW in Veendam, op 14 april 2023, om 17:04 uur, met een land- of bosbouwtrekker, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 409,00 (inclusief administratiekosten).
1.1.
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
1.2.
De kantonrechter heeft het beroep op 23 maart 2026 op de zitting behandeld. Daarbij waren aanwezig: betrokkene en als vertegenwoordiger van de officier van justitie mr. P. Belopavlovic.
1.3.
Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.

Beoordeling door de kantonrechter

Standpunten

2. Betrokkene voert aan dat het gaat om een kleine trekker met een topsnelheid van nog geen 10 km/u. Zij heeft de trekker, onder andere, gekocht om pakken stro te verplaatsen, maar de trekker bleek te licht. Daarom gebruikte zij de trekker niet meer. Die kwam dus ook niet op de openbare weg. Betrokkene heeft op advies een kenteken aangevraagd, maar wist niet dat het voertuig ook verzekerd moest zijn. Toen zij de hoge boete kreeg heeft zij de trekker onmiddellijk geschorst en inmiddels is deze verkocht. Verder geeft betrokkene aan dat zij een vergelijkbare rechtszaak heeft gezien waarbij de boete werd gematigd naar nihil.
3. De vertegenwoordiger is van mening dat de boete moet worden gematigd naar € 100,00. Meestal matigt het Hof Arnhem-Leeuwarden de boete met 50% in dit soort zaken. De vertegenwoordiger vindt dat de boete verder verlaagd moet worden omdat het om een kleine trekker gaat, en niet om een auto of brommer. Auto’s en brommers zijn namelijk gevaarlijker op de weg.
Beslissing
4. De kantonrechter oordeelt dat het beroep gegrond is en zal de boete matigen tot € 109,00 (inclusief administratiekosten). Hij zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.
Overwegingen
Moet betrokkene de zekerheid betalen?
5. De kantonrechter stelt allereerst vast dat betrokkene geen zekerheid heeft gesteld. Zij moet (tijdig) een bedrag betalen als zekerheid voor de boete en de administratiekosten. [1] Betrokkene heeft verklaard dat zij voor langere tijd ernstig arbeidsongeschikt is geweest en niet over het hoge boetebedrag beschikt. De kantonrechter ziet hierin voldoende aanleiding om het te betalen bedrag aan zekerheid op nul te zetten. De kantonrechter zal het beroep daarom inhoudelijk behandelen.
Is er reden om de boete te verlagen?
6. Betrokkene betwist de verkeersovertreding niet, maar voert argumenten aan om deze te verklaren. Daarmee is de verkeersovertreding komen vast te staan. Vervolgens is de vraag of er feiten en omstandigheden zijn die aanleiding geven tot een wijziging van de boete.
7. De kantonrechter ziet aanleiding om de boete te matigen naar € 109,00 (inclusief administratiekosten). Hierbij is van belang dat betrokkene het voertuig snel heeft geschorst toen zij op de hoogte raakte van de boete. Daarnaast heeft zij aannemelijk gemaakt dat zij met de trekker niet op de openbare weg heeft gereden. De kantonrechter ziet geen aanleiding om de boete verder te matigen, omdat van betrokkene mag worden verwacht dat zij op de hoogte is van de geldende verplichtingen.

Conclusie

De kantonrechter:
  • verklaart het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie gegrond;
  • vernietigt die beslissing;
  • wijzigt de inleidende beschikking en matigt de sanctie tot € 109,00 (inclusief administratiekosten).
Waarvan proces-verbaal,
mr. W.B. Jongsma, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.

Voetnoten

1.Artikel 11 van Pro de Wahv.