Aan betrokkene is een boete opgelegd wegens het niet afsluiten en in stand houden van een verzekering voor een landbouwvoertuig, vastgesteld op 14 april 2023. Betrokkene erkent de overtreding, maar voert aan dat het voertuig een kleine trekker is die niet op de openbare weg is gebruikt en snel is geschorst na kennisname van de boete.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter. Tijdens de zitting op 23 maart 2026 werd het beroep behandeld en onmiddellijk uitspraak gedaan.
De kantonrechter oordeelt dat betrokkene geen zekerheid hoefde te stellen vanwege haar ernstige arbeidsongeschiktheid en behandelt het beroep inhoudelijk. Gezien de snelle schorsing en het feit dat het voertuig niet op de openbare weg is gebruikt, matigt de kantonrechter de boete van €409 naar €109. De boete wordt niet verder verlaagd omdat betrokkene geacht wordt op de hoogte te zijn van de verzekeringsplicht.
Tegen deze beslissing kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.