Uitspraak
RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Nederland
Verzoeker heeft op 16 maart 2026 een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). Tijdens de zitting van 6 mei 2026 verscheen verzoeker met zijn schuldhulpverlener. De rechtbank constateert dat verzoeker niet te goeder trouw was ten aanzien van een deel van zijn schulden die in de afgelopen drie jaar zijn ontstaan, wat normaal gesproken tot weigering leidt.
Desondanks oordeelt de rechtbank dat verzoeker met succes een beroep doet op de hardheidsclausule, omdat hij de omstandigheden die tot de schulden hebben geleid onder controle heeft gekregen. Sinds eind 2023 is er sprake van een bestendige gedragsverandering, met budgetbeheer vanaf januari 2024 en geen nieuwe schulden behalve een enkele verkeersboete in maart 2026.
Verder verzoekt verzoeker om een eerdere ingangsdatum van de Wsnp, omdat hij vanaf april 2024 afdrachten heeft gedaan. Ondanks fouten van de schuldhulpverlening in het minnelijk traject, acht de rechtbank aannemelijk dat verzoeker in de 18 maanden voorafgaand aan de uitspraak aan zijn afdrachtplicht heeft voldaan. De rechtbank stelt de Wsnp-termijn vast op 18 maanden vanaf 21 november 2024, met een verlenging van zes maanden en ontheffing van sollicitatie- en afdrachtplicht gedurende die periode.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt toegewezen met een eerdere ingangsdatum en verlenging van de regeling.