ECLI:NL:RBNNE:2026:2129

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
2 juni 2026
Publicatiedatum
2 juni 2026
Zaaknummer
LEE 25/659
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Artikel 6 Verordening rioolheffing Stadskanaal 2024Artikel 1 Verordening rioolheffing Stadskanaal 2024
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Unit aangemerkt als garagebox voor verlaagd rioolheffingstarief in Stadskanaal

Eiser maakte bezwaar tegen een aanslag rioolheffing van €188 voor een unit in een bedrijfscomplex, stellende dat deze unit een garagebox is en daarom in aanmerking komt voor het verlaagde tarief van €22. De heffingsambtenaar stelde dat de unit een multifunctionele bedrijfsruimte is, niet te vergelijken met een garagebox, en dat het hogere tarief terecht is opgelegd.

De rechtbank onderzocht de aard van de unit aan de hand van de leveringsakte, de omschrijving op de website van het bedrijf en het normale spraakgebruik. De unit werd feitelijk als garagebox aangeduid en is geschikt voor het stallen van voertuigen zoals campers, wat onder het begrip auto valt volgens Van Dale. De grootte en het gebruik voor opslag doen niet af aan de kwalificatie als garagebox.

De rechtbank concludeerde dat de unit als garagebox moet worden aangemerkt in de zin van de Verordening rioolheffing Stadskanaal 2024, waardoor het verlaagde tarief van toepassing is. De aanslag werd daarom verminderd tot €22. Tevens werd de heffingsambtenaar veroordeeld tot vergoeding van proceskosten van €44,75. De uitspraak op bezwaar werd vernietigd en vervangen door deze uitspraak.

Uitkomst: De aanslag rioolheffing wordt verminderd tot het verlaagde tarief van €22 omdat de unit als garagebox wordt aangemerkt.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Groningen
Bestuursrecht
zaaknummer: LEE 25/659

uitspraak van de enkelvoudige belastingkamer van 2 juni 2026 in de zaak tussen

[eiser] , uit [woonplaats] , eiser

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Stadskanaal, de heffingsambtenaar

(gemachtigde: [naam] ).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 30 januari 2025.
1.1.
De heffingsambtenaar heeft aan eiser voor het jaar 2024 een aanslag rioolheffing van € 188 opgelegd.
1.2.
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van eiser ongegrond verklaard.
1.3.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
1.4.
De rechtbank heeft het beroep op 11 mei 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser en de gemachtigde van de heffingsambtenaar.

Feiten

2.1.
De aanslag rioolheffing is opgelegd voor een unit in het [bedrijf] . De unit bevindt zich op de begane grond en heeft een oppervlakte van 26 m2.
2.2.
Eiser heeft de unit gekocht op 21 september 2021. De levering heeft plaatsgevonden op 13 juli 2022. In de akte van levering wordt de onroerende zaak als volgt beschreven:

het appartementsrecht, rechtgevende op het uitsluitend gebruik van de garagebox/bedrijfsruimte, gelegen te [adres] , kadastraal bekend gemeente Onstwedde, sectie [sectie] , complexaanduiding [complexaanduiding] , appartementsindex [appartementsindex] , (…)
2.3.
Op de website van [bedrijf] is onder meer het volgende te lezen:

UNIEK IN GEMEENTE STADSKANAAL!OPSLAG | BEDRIJF | HOBBY7 VERSCHILLENDE TYPES MET ZEER RUIME AFMETINGEN51 units en 28 privé parkeerplaatsen
Op een zeer strategische locatie in Stadskanaal zijn door [bedrijf] diverse multifunctionele bedrijfsunits gerealiseerd.
Deze locatie is zeer geschikt voor zowel ondernemers als particulieren. De multifunctionele garageboxen lenen zich uitstekend voor ZZP-ers en MKB-ers die behoefte hebben aan hoogwaardige, laagdrempelige, zelfstandige bedrijfsruimte, webshop-ondernemers die opslagruimte nodig hebben, de particulier die zijn goederen wil opslaan of de doe-het-zelver. De perfecte oplossing voor de ondernemer waarvoor een bedrijfshal te groot is.

Beoordeling door de rechtbank

3. De rechtbank beoordeelt of de aanslag rioolheffing tot het juiste bedrag is opgelegd. De rechtbank doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiser.
4. De rechtbank is van oordeel dat de aanslag rioolheffing op een te hoog bedrag is vastgesteld. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
Standpunt eiser
5. Volgens eiser is de unit een garagebox, zodat voor de rioolheffing het verlaagde tarief van € 22 geldt. Volgens eiser is een garagebox een ruimte die kan worden afgesloten en bestemd is voor het stallen van een voertuig of voor de opslag van goederen. Eiser stelt dat hij de unit enkel gebruikt voor het stallen van zijn camper. Andere eigenaars of huurders gebruiken hun units ook enkel voor stalling van een voertuig of voor (bedrijfsmatige) opslag. De units mogen ook enkel gebruikt worden voor het stallen van voertuigen of voor opslag. Eiser wijst er verder op dat het complex op Google als garageboxencomplex wordt geduid, en dat hij de unit heeft gekocht als garagebox.
Standpunt heffingsambtenaar
6. De heffingsambtenaar stelt het volgende. In de verordening 2024 is een verlaagd tarief opgenomen voor garageboxen die een zelfstandig WOZ-object vormen. Het gaat dan om garageboxen die op wat grotere afstand van een woning zijn gelegen maar qua aard en functie vergelijkbaar zijn met een garagebox bij een woning. Het doel is om het verlaagd tarief te laten gelden voor objecten met een geringe omvang die ondanks de afstand in principe dienstbaar zijn aan de woning, waar de woning al voor het hogere tarief wordt aangeslagen. Onder garagebox wordt doorgaans verstaan een stallingsruimte voor één auto deel uitmakend van een complex van dergelijke stallingen. De unit van eiser wijkt naar zijn aard en inrichting wezenlijk af van hetgeen in het normale spraakgebruik onder een garagebox wordt verstaan. Het gaat om een multifunctionele unit/opslagruimte. Er is geen sprake van een stalling voor slechts één auto, de unit kan worden gebruikt voor het stallen van grotere voertuigen zoals campers en werkbussen. De units zijn hoogwaardig afgewerkt, zijn gelegen op een afgesloten en bewaakt terrein, hebben een eigen post- en vestigingsadres en beschikken over (gemeenschappelijk) sanitair en energie. Dit laatste maakt dat de units bij uitstek geschikt zijn voor ondernemers (ZZP’ers) om te gebruiken binnen hun bedrijf. Dit alles maakt dat niet gesproken kan worden van een garagebox, aldus de heffingsambtenaar.
Juridisch kader
7. Artikel 6 van Pro de Verordening rioolheffing Stadskanaal 2024 (de Verordening) luidt – voor zover hier van belang – als volgt:

Artikel 6 Belastingtarieven Pro

De belasting bedraagt:

a.per perceel, niet zijnde een garagebox die een zelfstandig WOZ-object vormt, € 188,00;
b.per perceel, zijnde een garagebox die een zelfstandig WOZ-object vormt, € 22,00.
8. In artikel 1 van Pro de Verordening zijn de begrippen ‘perceel’, ‘gemeentelijke riolering’ en ‘water’ gedefinieerd. Er is geen definitie opgenomen van het begrip ‘garagebox’
Overwegingen van de rechtbank
9. Deze zaak gaat over de uitleg van het begrip garagebox in de Verordening. Meer in het bijzonder gaat het om het antwoord op de vraag of de unit die eiser heeft gekocht als garagebox aangemerkt moet worden, zodat het lagere tarief voor de rioolheffing van toepassing is. De Verordening bevat zelf geen definitie van het begrip garagebox. Voor de uitleg is de rechtbank daarom aangewezen op het normale spraakgebruik. De vraag die de rechtbank moet beantwoorden is dan of de unit van eiser in het normale spraakgebruik aangeduid kan worden als garagebox.
10. De rechtbank beantwoord die vraag bevestigend. Feitelijk wordt de unit op diverse plekken aangeduid als een garagebox. Zo staat in de leveringsakte dat het om een ‘garagebox/bedrijfsruimte’ gaat (zie 2.2). Dat staat ook in de (door de heffingsambtenaar overgelegde) leveringsakten van andere units in hetzelfde complex. Ook op de website van [bedrijf] en op Google worden de units als garagebox aangeduid (zie 2.3 en 5). Verder wordt in Van Dale een garagebox beschreven als ‘
stallingsruimte voor één auto, deel uitmakend van een complex van dergelijke stallingen’. Een auto is, wederom volgens Van Dale, een ruim begrip, namelijk een ‘motorrijtuig op drie of meer wielen’. Daaronder vallen ook grotere voertuigen, zoals een camper (ook wel kampeer
auto). Gelet op het voorgaande moet de unit van eiser naar het oordeel van de rechtbank als garagebox in de zin van de Verordening aangemerkt worden.
11. Dat de unit groter is dan een gemiddelde garagebox doet aan het voorgaande niet af. De unit van eiser is immers niet zo groot dat niet meer van een garagebox gesproken kan worden. De verwijzing van de heffingsambtenaar naar de uitspraak van rechtbank Leeuwarden, die ging over twee aansluitende units van 5 meter breed en 8 meter diep, gaat om deze reden niet op. [1] Dat de unit ook gebruikt kan worden voor (bedrijfsmatige) opslag van goederen doet ook niet af aan de duiding als garagebox. Immers, elke garagebox kan ook gebruikt worden voor de opslag van goederen. Bij de vraag of iets als garagebox geduid kan worden gaat het om de uiterlijke kenmerken, niet om het feitelijk gebruik. Dat het bestemmingsplan bedrijfsmatig gebruik voor de unit van eiser toestaat, hetgeen doorgaans niet het geval is voor garageboxen die in woonwijken zijn gelegen, doet ook niet af aan de duiding van de unit als garagebox. In het normale spraakgebruik is dat simpelweg geen relevant gegeven. Het is bovendien ook geen uiterlijk kenmerk van de unit. Het voorzieningenniveau in de unit (enkel elektra) is niet ongebruikelijk voor een garagebox. De verwijzing van de heffingsambtenaar naar de uitspraak van rechtbank Rotterdam, die ging over units met de mogelijkheid tot een toiletaansluiting en de voorbereiding voor een telefoonaansluiting, treft om deze reden geen doel. [2]

Conclusie en gevolgen

12. Het beroep is gegrond. De rechtbank vernietigt daarom de uitspraak op bezwaar en vermindert de aanslag rioolheffing tot een aanslag berekend naar het tarief van een garagebox.

Proceskosten en griffierecht

13. Eiser heeft ter zitting verzocht om een kostenvergoeding voor het beroep, voor de volgende kosten:
  • het aangetekend verzenden van het beroepschrift (€ 10,75);
  • reiskosten voor het bijwonen van de zitting (€ 28);
  • parkeerkosten voor het bijwonen van de zitting (niet gespecificeerd).
14. De heffingsambtenaar heeft ter zitting aangegeven dat bij gegrondverklaring van het beroep de door eiser genoemde kosten vergoed kunnen worden.
15. Gelet op het voorgaande zal de rechtbank de heffingsambtenaar veroordelen tot het vergoeden van € 44,75 aan proceskosten (€ 10,75 voor de aangetekende verzending van het beroepschrift, € 28 voor de reiskosten, en € 6 voor de begrote parkeerkosten).
16. De rechtbank heeft in verband met samenhang met een ander beroep (LEE 25/657) in dit beroep geen griffierecht geheven. Omdat eiser voor dit beroep geen griffierecht heeft betaald, hoeft de heffingsambtenaar geen griffierecht aan hem te vergoeden.

Beslissing

De rechtbank:
  • verklaart het beroep gegrond;
  • vernietigt de uitspraak op bezwaar;
  • vermindert de aanslag rioolheffing tot een aanslag van € 22;
  • bepaalt dat deze uitspraak in de plaats komt van de bestreden uitspraak op bezwaar;
  • veroordeelt de heffingsambtenaar tot betaling van € 44,75 aan proceskosten aan eiser.
Deze uitspraak is gedaan door mr. F. Brekelmans, rechter, in aanwezigheid van mr. J.P. Raateland, griffier.
griffier
rechter
Uitgesproken op 2 juni 2026.

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is bekendgemaakt.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden (belastingkamer), Locatie Arnhem, Postbus 9030, 6800 EM Arnhem.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Rechtbank Leeuwarden 17 december 2009, ECLI:NL:RBLEE:2009:BL8560.
2.Rechtbank Rotterdam 16 september 2020, ECLI:NL:RBROT:2020:8292.