ECLI:NL:RBNNE:2026:2337
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Matiging bestuurlijke boete wegens overschrijding redelijke termijn bij Arbeidstijdenwet
Eiseres, eigenaar van een Chinees restaurant in Groningen, kreeg een boete van €9.000 opgelegd wegens het niet deugdelijk registreren van arbeids- en rusttijden in strijd met de Arbeidstijdenwet. Na bezwaar matigde verweerder de boete met 25% tot €6.750. Eiseres stelde beroep in tegen deze hoogte en voerde aan dat de boete onevenredig hoog was vanwege erkenning van de fout, het ontbreken van opzet, beperkte duur van de overtreding, en haar financiële situatie na sluiting van het restaurant.
De rechtbank beperkte het geschil tot de hoogte van de boete en oordeelde dat de redelijke termijn van berechting was overschreden met bijna vijf maanden, waardoor matiging van de boete met 5% op zijn plaats was. De rechtbank vond echter geen aanleiding voor verdere matiging omdat eiseres onvoldoende concrete informatie over haar financiële draagkracht had verstrekt en er geen bewijs was van een nijpende financiële situatie.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit voor zover het de hoogte van de boete betrof en stelde de boete vast op €6.412,50. Tevens werd verweerder opgedragen het griffierecht van €194 aan eiseres te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door rechter M.W. de Jonge op 2 juni 2026.
Uitkomst: De boete wordt gematigd tot €6.412,50 wegens overschrijding van de redelijke termijn; verdere matiging wordt afgewezen.