Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBNNE:2026:2504

Rechtbank Noord-Nederland

Datum uitspraak
23 april 2026
Publicatiedatum
30 juni 2026
Zaaknummer
C/18/26/1104 R
Instantie
Rechtbank Noord-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 Insolventieverordening (EU 2015/848)Art. 349a Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling wegens medische omstandigheden

Verzoekster heeft op 27 februari 2026 een verzoek ingediend tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (Wsnp). Eerder, op 25 januari 2026, was een soortgelijk verzoek afgewezen omdat niet kon worden uitgesloten dat verzoekster nog een regeling zou treffen met haar enige schuldeiser, ING, mede vanwege onvoldoende onderbouwde medische klachten en een niet fulltime dienstverband.

In de nieuwe beoordeling is gebleken dat verzoekster lijdt aan een ijzerstapelingsziekte, wat aanleiding geeft om het verzoek nu wel toe te wijzen. De rechtbank volgt de recente jurisprudentie van de Hoge Raad en vervroegt de aanvang van de Wsnp-termijn niet, omdat er geen minnelijk traject heeft plaatsgevonden.

De Wsnp wordt vastgesteld voor een termijn van 18 maanden, ingaande op 23 april 2026 en eindigend op 23 oktober 2027. Tevens wordt een rechter-commissaris benoemd en krijgt de bewindvoerder de bevoegdheid om aan verzoekster gerichte post te openen. Het vonnis is uitgesproken door mr. H.J. Idzenga op 23 april 2026.

Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de Wsnp wordt toegewezen voor een termijn van 18 maanden vanaf 23 april 2026.

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-NEDERLAND

Afdeling Privaatrecht
Locatie: Assen
zaaknummer: C/18/26/1104 R
vonnis van 23 april 2026
in de zaak van:
[verzoekster], geboren op [geboortedatum] 1979 te [geboorteplaats],
wonende te [adres],
verzoekster,
hierna te noemen: [verzoekster].

1.Het procesverloop

[verzoekster] heeft op 27 februari 2026 een verzoekschrift ingediend om te mogen worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (hierna: Wsnp).
[verzoekster] is verschenen op de zitting van 9 april 2026, samen met mevrouw [naam] van de gemeente Emmen.

2.De beoordeling van het verzoek

2.1.
Het betreft een hoofdinsolventieprocedure (artikel 3, eerste lid, van de Insolventieverordening (EU 2015/848)).
2.2.
De rechtbank stelt vast dat bij vonnis van 25 januari 2026 het verzoek van [verzoekster] tot toelating tot de Wsnp is afgewezen, omdat toen niet kon worden uitgesloten dat [verzoekster] nog een regeling zou kunnen treffen met haar enige schuldeiser, ING. [verzoekster] werkte op dat moment niet fulltime en haar maandlasten waren relatief laag. De toen gestelde medische klachten waren onvoldoende onderbouwd. Inmiddels is duidelijk geworden dat [verzoekster] een ijzerstapelingsziekte heeft. De rechtbank ziet daarin aanleiding om het verzoek nu toe te wijzen.
2.3.
De rechtbank ziet geen aanleiding om - gelet op de uitspraak van de Hoge Raad van 20 december 2024 (ECLI:NL:HR:2024:1913) - het aanvangsmoment van de termijn van de Wsnp als bedoeld in artikel 349a Fw te vervroegen, omdat er geen minnelijk traject heeft plaatsgevonden.
BESLISSING
De rechtbank:
- spreekt de toepassing van de Wsnp uit ten aanzien van:
[verzoekster],
geboren op [geboortedatum] 1979 te [geboorteplaats],
wonende te [adres]
- stelt de termijn van de regeling vast op 18 maanden te rekenen vanaf 23 april 2026, waardoor deze termijn eindigt op 23 oktober 2027;
- benoemt tot rechter-commissaris mr. C.H. Beuker,
en tot bewindvoerder [bewindvoerder],
gevestigd te [adres];
- geeft last aan de bewindvoerder tot het openen van aan [verzoekster] gerichte brieven en telegrammen.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.J. Idzenga, bijgestaan door de griffier en in het openbaar uitgesproken op 23 april 2026.