ECLI:NL:RBNNE:2026:2520
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating tot schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw
De rechtbank Noord-Nederland behandelde op 29 april 2026 het verzoek van een ondernemer tot toepassing van de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen (WSNP). De ondernemer had een onderneming in de bouwsector, die sinds november 2017 actief was, maar door medische omstandigheden tijdelijk was gestaakt. De totale schuldenlast bedroeg circa €84.783, grotendeels ontstaan in 2024 en 2025.
De schuldenaar stelde dat de schulden waren ontstaan door late betalingen van opdrachtgevers en dat gezondheidsproblemen het werk onmogelijk maakten, waardoor het inkomen wegviel en de schulden opliepen. De rechtbank oordeelde echter dat de schuldenaar niet te goeder trouw was geweest bij het ontstaan en het onbetaald laten van zijn schulden in de drie jaar voorafgaand aan het verzoek. Dit bleek onder meer uit het feit dat hij in 2023 een Jeep leaste die werd teruggenomen vanwege betalingsproblemen, waarna hij een nieuwe leaseovereenkomst aanging voor een VW Transporter terwijl hij wist dat hij zijn schulden niet kon betalen.
Daarnaast toonde de jaarrekening aan dat de schuldenaar in 2023 €89.000 privé had opgenomen, waarvan circa €15.000 werd besteed aan tuinverbouwing, ondanks de financiële problemen. Ook was het uitgavenpatroon niet aangepast aan de financiële situatie. Bijzondere omstandigheden die toelating tot de WSNP zouden rechtvaardigen, ontbraken. Daarom werd het verzoek afgewezen en herleefde het faillissementsverzoek dat eerder was ingediend.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de WSNP wordt afgewezen wegens gebrek aan goede trouw; faillissementsverzoek herleeft.