ECLI:NL:RBNNE:2026:3040
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling wegens ontbreken stabiele situatie
Verzoeker heeft op 10 februari 2026 een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). De rechtbank behandelde het verzoek op 15 juni 2026, waarbij de schuldhulpverlener van Stichting de Gemeentelijke Kredietbank aanwezig was, maar verzoeker zelf niet is verschenen ondanks correcte oproeping.
De schuldhulpverlener gaf aan dat verzoeker meerdere malen per e-mail was benaderd en geïnformeerd over de zitting en het belang van verschijnen. Verzoeker heeft een schuldenlast van €10.014,03, ontstaan tussen april 2024 en juli 2025, voornamelijk door overmatig cannabisgebruik en verslaving.
Verzoeker had een verzoek tot onderbewindstelling ingediend maar dit op eigen initiatief ingetrokken en is ook gestopt met het budgetbeheer via de GKB. De schuldhulpverlener twijfelt aan de bereidheid en mogelijkheid van verzoeker om de verplichtingen van de WSNP na te komen.
De rechtbank oordeelt dat door het ontbreken van verschijning en onvoldoende onderbouwing niet kan worden vastgesteld of verzoeker te goeder trouw is geweest en of hij zijn verplichtingen kan nakomen. Daarom wijst de rechtbank het verzoek af.
Tegen deze uitspraak kan binnen acht dagen hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de wettelijke schuldsaneringsregeling wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid van nakoming verplichtingen en ontbreken stabiele situatie.