ECLI:NL:RBNNE:2026:462
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde woning na eigen aankoop en marktsituatie
Eiser betwist de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning per 1 januari 2023, die is vastgesteld op € 354.000. Hij stelt dat de waarde niet hoger kan zijn dan € 337.000, onder meer omdat de woning kort daarvoor voor € 310.000 is gekocht en de marktsituatie onvoldoende is meegewogen.
De rechtbank overweegt dat de waarde wordt bepaald op de prijs die een meestbiedende koper zou betalen bij een openbare verkoop. De heffingsambtenaar heeft de waarde vastgesteld op basis van vergelijkingsobjecten en een waardematrix, waarbij is meegewogen dat de woning niet openbaar te koop heeft gestaan en de transportdatum lang na de koopdatum lag. Eiser heeft deze omstandigheden niet bestreden.
De rechtbank acht de gebruikte referentieobjecten goed vergelijkbaar en vindt de gehanteerde prijs per vierkante meter niet te hoog. Eiser heeft zijn stelling over onvoldoende rekening houden met de marktsituatie niet onderbouwd met een taxatiematrix. Daarom is het beroep ongegrond verklaard en blijft de aanslag OZB in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van € 354.000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag OZB blijft in stand.