ECLI:NL:RBNNE:2026:553
Rechtbank Noord-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G. Knuttel
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen omgevingsvergunning voor het bouwen van 11 woningen te Jubbega
Deze uitspraak betreft een beroep van eiser tegen een omgevingsvergunning verleend door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerenveen voor het bouwen van 11 woningen aan een adres te Jubbega. Eiser betwist de vergunning onder meer vanwege onduidelijkheid over de zuidelijke perceelsgrens en de gekozen bouwvorm en bouwhoogte.
De rechtbank overweegt dat de aanvraag is ingediend vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet, zodat de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) van toepassing is. Het college heeft de vergunning getoetst aan artikel 2.10, eerste lid, Wabo, waarin een limitatief-imperatief stelsel geldt. De rechtbank volgt het college in het oordeel dat het bouwplan binnen het bestemmingsplan 'Jubbega Gentiaansingel K. Molweg' past en voldoet aan de bouwregels.
Ondanks het beroep en de wrakingsverzoeken van eiser, die niet is verschenen op de zitting, acht de rechtbank het belang van vergunninghouder en de goede procesorde zwaarder en sluit het onderzoek zonder nadere zitting. Het beroep wordt ongegrond verklaard, waardoor eiser geen griffierecht of proceskosten vergoed krijgt.
De uitspraak is gedaan door rechter G. Knuttel en griffier A.J.J. Volk op 20 februari 2026. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor het bouwen van 11 woningen wordt ongegrond verklaard.