ECLI:NL:RBNNE:2026:863
Rechtbank Noord-Nederland
- Verschoning
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot verschoning rechter wegens schijn van partijdigheid
In de civiele procedure bij de rechtbank Noord-Nederland heeft mr. C.S. Huizinga, rechter-commissaris in de onderliggende zaak, een verzoek tot verschoning ingediend. Dit verzoek volgde nadat hij ontdekte dat hij en de verzoekster zich in gemeenschappelijke sociale kringen bevinden, wat de schijn van partijdigheid kan wekken.
De rechter benadrukte dat hij zich tot het moment van ontdekking niet bewust was van deze situatie en dat dit geen invloed had gehad op de procedure. De verschoningskamer heeft het verzoek beoordeeld zonder mondelinge behandeling, conform artikel 41 van Pro het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
De kamer oordeelde dat verschoning noodzakelijk is om de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechter te waarborgen, ook om de schijn van partijdigheid te vermijden. Het verzoek werd daarom toegewezen, waarna de behandeling van de hoofdzaak wordt voortgezet door een andere rechter in de stand waarin de procedure zich bevond ten tijde van het verzoek.
De beslissing is genomen door een meervoudige kamer bestaande uit drie rechters en griffier, en er staat geen rechtsmiddel tegen open.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen en de zaak wordt voortgezet door een andere rechter.