Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Stichting Woonveste
[gedaagde]
Procedure
Vaststaande feiten
Vordering en verweer
Beoordeling
€ 448,00
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
Woonveste verhuurt sinds 1990 een woning aan de huurder, die de huur maandelijks rond de 22e betaalde. In augustus 2012 wijzigde Woonveste haar beleid en verlangde betaling per de eerste van de maand vooruit. De huurder kon hier niet aan voldoen vanwege financiële omstandigheden en bood aan de achterstand in te lopen met vakantiegeld, wat hij later ook deed.
Woonveste vorderde betaling van een huurachterstand inclusief buitengerechtelijke kosten en rente. De rechtbank stelde vast dat uit de huurovereenkomst geen verplichting tot vooruitbetaling blijkt en dat Woonveste jarenlang het latere betalingsmoment accepteerde. De gevorderde hoofdsom was onjuist berekend en de huurder had geen achterstand meer.
De gevorderde rente werd niet toegewezen wegens onduidelijkheid over de grondslag. De buitengerechtelijke en gerechtelijke kosten werden afgewezen omdat deze buitensporig waren en geen rekening hielden met de belangen van de huurder. Woonveste werd veroordeeld in de proceskosten en de vordering werd afgewezen.
Uitkomst: De vordering van Woonveste tot betaling van huurachterstand en kosten wordt afgewezen en Woonveste wordt veroordeeld in de proceskosten.