ECLI:NL:RBOBR:2013:BY8454
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bindend advies wegens onaanvaardbare inhoud of wijze van totstandkoming afgewezen
Partijen sloten op 22 april 2009 een overeenkomst voor levering en installatie van een centrale verwarmingsinstallatie. De overeenkomst werd deels uitgevoerd en in september 2011 op verzoek van de consument beëindigd. Vervolgens ontstond een geschil over de eindafrekening, dat werd voorgelegd aan een geschillencommissie die een bindend advies uitbracht op 9 maart 2012.
De commissie bepaalde een vergoeding aan de ondernemer voor winstderving en kosten, maar liet de BTW buiten beschouwing in haar berekening, wat door de ondernemer als een rekenfout werd betwist. De commissie oordeelde echter dat dit geen kennelijke rekenfout was en weigerde correctie, waarna de ondernemer de vernietiging van het bindend advies vorderde bij de kantonrechter.
De kantonrechter toetst marginaal of het bindend advies ernstig gebrekkig is of onredelijk onaanvaardbaar, en concludeert dat het advies voldoende is gemotiveerd en geen ernstige gebreken vertoont. De discussie over de BTW leidt niet tot vernietiging. De vordering van de ondernemer wordt afgewezen en hij wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot vernietiging van het bindend advies wordt afgewezen en de ondernemer wordt veroordeeld in de proceskosten.