ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ0147
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Tenuitvoerlegging van voorwaardelijke gevangenisstraf wegens niet-naleving reclasseringsvoorwaarden
De rechtbank Oost-Brabant behandelde op 17 januari 2013 de vordering van het Openbaar Ministerie tot tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf van 270 dagen, opgelegd bij onherroepelijk vonnis van 23 februari 2011. De veroordeelde, geboren in 1981, had zich zonder bekende woon- of verblijfplaats in Nederland begeven naar Turkije en was niet bereikbaar.
De rechtbank stelde vast dat de oproeping aan de veroordeelde rechtsgeldig was, ondanks het ontbreken van een bekend adres, omdat hij sinds 25 oktober 2012 was uitgeschreven en vertrokken naar een onbekend adres in Turkije. De advocaat van de veroordeelde kon geen contact krijgen en was niet verschenen.
Uit het reclasseringsrapport van 1 oktober 2012 en de toelichting ter zitting bleek dat de veroordeelde de bijzondere voorwaarden van zijn proeftijd, waaronder het naleven van aanwijzingen van de reclassering en behandeling bij een GGz-instelling, niet had nageleefd. Hij had zich onttrokken aan het toezicht en was zonder adres of contactgegevens vertrokken.
De rechtbank concludeerde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die de tenuitvoerlegging in de weg stonden en gelastte daarom de tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf van 270 dagen.
Uitkomst: De rechtbank gelast de tenuitvoerlegging van 270 dagen gevangenisstraf wegens niet-naleving van de bijzondere voorwaarden.