ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ1801
Rechtbank Oost-Brabant
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen afkoop levensverzekeringen in faillissement
Appellanten zijn in staat van faillissement verklaard en maakten bezwaar tegen de toestemming van de rechter-commissaris aan de curator om levensverzekeringen bij ASR en Interpolis af te kopen. Zij voerden aan dat afkoop contractueel was uitgesloten en dat de curator misbruik maakte van wanprestatie, en dat zij onredelijk zouden worden benadeeld.
De rechtbank oordeelde dat appellanten hun beroep tijdig hadden ingediend, gelet op de kennisneming van de beschikking. Juridisch werd vastgesteld dat een fiscaal afkoopverbod ex artikel 7:986 lid 4 BW Pro aan de curator kan worden tegengeworpen, maar dat de curator toch bevoegd is tot afkoop onder de voorwaarden van artikel 22a Fw. De curator maakte geen misbruik van wanprestatie.
De rechtbank nam mee dat de levensverzekeringen een verzorgingskarakter hebben, maar dat appellanten niet onredelijk worden benadeeld omdat zij naast de levensverzekeringen ook AOW, KOB-uitkeringen en een inkomen uit loondienst ontvangen. Het dienstverband bij [A] is aannemelijk van langere duur, en de woning is veiliggesteld.
Gelet op deze omstandigheden is het beroep ongegrond verklaard en de beschikking van de rechter-commissaris bekrachtigd.
Uitkomst: Het beroep tegen de afkoop van levensverzekeringen wordt ongegrond verklaard en de beschikking van de rechter-commissaris bekrachtigd.