ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ2059
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Gevangenisstraf voor seksueel misbruik van minderjarige door vriend van familie
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes maanden wegens het plegen van ontuchtige handelingen met een minderjarige tussen twaalf en zestien jaar. De feiten vonden plaats tussen juli 2008 en december 2009 in verschillende plaatsen in Nederland en Kroatië. Verdachte maakte misbruik van het vertrouwen als vriend van de familie en had een seksuele relatie met het slachtoffer, waarbij hij onder meer tongzoende, vingeren en penetratie pleegde.
De verdediging voerde aan dat verdachte vanwege een ernstige vorm van phimosis en peniele wratten niet in staat kon zijn de seksuele handelingen in de frequentie te verrichten zoals het slachtoffer verklaarde. Dit verweer werd door de rechtbank verworpen op basis van een uroloograpport waaruit bleek dat de handelingen wel mogelijk waren, ondanks pijnklachten.
De bewijslast werd onder meer gevormd door verklaringen van het slachtoffer, getuigen, en seksueel getinte sms-berichten die door verdachte werden verzonden. De rechtbank achtte deze bewijzen wettig en overtuigend. De rechtbank matigde de straf tot zes maanden gevangenisstraf vanwege de lange duur van de procedure en het tijdsverloop.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van een immateriële schadevergoeding van 2.000 euro aan het slachtoffer, met een subsidiaire hechtenis van 30 dagen bij niet-betaling. De rechtbank benadrukte de ernst van het misbruik en het vertrouwen dat verdachte had geschonden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf en een schadevergoeding van 2.000 euro voor seksueel misbruik van een minderjarige.