ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ2126
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek op grond van artikel 35 Wbp inzake inzage en verstrekking persoonsgegevens door beheerder website
De zaak betreft een verzoek van eiser om op grond van artikel 35 van Pro de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) inzage te verkrijgen in de persoonsgegevens die Veilingdeurwaarder verwerkt en informatie over de doeleinden, categorieën gegevens, ontvangers en herkomst daarvan.
Veilingdeurwaarder exploiteert een website waarop executoriale verkopen worden aangekondigd, waarbij persoonsgegevens van eiser, waaronder naam en kenteken, zijn gepubliceerd. Eiser wenst ook inzage in de lijst van ontvangers van de nieuwsbrief die op de hoogte zijn gesteld van de advertentie.
De rechtbank stelt vast dat Veilingdeurwaarder als verantwoordelijke moet worden aangemerkt omdat zij de gegevens aanvult met RDW-gegevens en deze openbaar maakt via e-mailservice en tweets. Het verzoek wordt toegewezen met de restrictie dat geen namen en adressen van ontvangers worden verstrekt, maar slechts categorieën ontvangers, om privacy van derden te beschermen.
Het verzoek om een dwangsom wordt afgewezen omdat Veilingdeurwaarder gemotiveerd heeft toe te zullen werken aan naleving zonder dwangsom. Het verzoek om proceskosten wordt afgewezen omdat eiser niet als overwegend in het gelijk wordt beschouwd. De rechtbank wijst het meer of anders gevorderde af.
Uitkomst: Veilingdeurwaarder wordt veroordeeld tot verstrekking van informatie over de verwerking van persoonsgegevens van eiser met beperking inzake ontvangerslijst.