ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ5144
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- P.A.M. Penders
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek bewindvoerder tot openen rekening bij begrafenisondernemer ter voorkoming AWBZ-bijdrage
In deze zaak verzocht de bewindvoerder toestemming om een rekening te openen bij een begrafenisondernemer voor een bedrag van € 5.000,-. Dit verzoek was bedoeld om vermogen van de rechthebbende buiten de extra AWBZ-bijdrage te houden die vanaf 1 januari van toepassing is op spaargeld boven de belastingvrije voet.
De kantonrechter overwoog dat het vermogen van de rechthebbende te allen tijde op naam van de rechthebbende moet staan en niet op naam van een ander. Het openen van een rekening bij een begrafenisondernemer zou een verkeerde indruk wekken bij het CAK over het vermogen van de rechthebbende, waardoor onjuiste informatie wordt verstrekt.
Hoewel het reserveren van een bedrag voor de begrafenis iets anders is dan het openen van een rekening bij een begrafenisondernemer, kan de kantonrechter niet meewerken aan een constructie die de eigen bijdrage AWBZ onrechtmatig zou beïnvloeden.
Op grond van artikel 1:441 BW Pro werd het verzoek van de bewindvoerder dan ook afgewezen. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open bij het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch binnen drie maanden na uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek van de bewindvoerder om een rekening te openen bij een begrafenisondernemer werd afgewezen omdat het vermogen op naam van de rechthebbende moet blijven.