ECLI:NL:RBOBR:2013:CA2718
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aansprakelijkheid voor val van eiseres van oplegger tijdens voetbalrondrit
Eiseres is tijdens een rondrit ter viering van een voetbalkampioenschap van een oplegger gevallen en vordert schadevergoeding van TVM, de verzekeraar van de eigenaar van de oplegger. Zij stelt dat de chauffeur onrechtmatig heeft gehandeld door abrupt rijgedrag en dat de kantplank van de oplegger gebrekkig was, waardoor zij is gevallen.
De rechtbank oordeelt dat het niet vaststaat dat de chauffeur onrechtmatig heeft gereden. De chauffeur reed stapvoets, moest stoppen voor verkeer en stopte direct nadat hij een plank hoorde vallen. De val is mogelijk veroorzaakt door het optrekken van de vrachtwagen, maar dit is niet onrechtmatig gezien de omstandigheden en lage snelheid.
Verder is vastgesteld dat de kantplank losraakte doordat deze omhoog uit de U-profielen is geschoven door een opwaartse kracht. De oplegger is bedoeld voor goederenvervoer en niet voor vervoer van feestende mensen. Van de oplegger mag niet worden verwacht dat de kantplanken bestand zijn tegen opwaartse krachten van mensenmassa’s. Daarom is er geen sprake van een gebrekkige zaak in de zin van artikel 6:173 BW Pro.
De vordering van eiseres wordt afgewezen. Ook de vordering van TVM in vrijwaring tegen Comver en de sportvereniging wordt afgewezen. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten van de hoofdzaak en TVM in die van de vrijwaring.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiseres af wegens het ontbreken van onrechtmatig handelen en gebrekkigheid.