Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
- het tussenvonnis van 19 juni 2013
- het proces-verbaal van comparitie van 16 januari 2014.
2.De feiten
3.Het geschil
Primair
Subsidiair
4.De beoordeling
589,00
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Oost-Brabant
Eiseres exploiteert sinds 1973 een hotel-restaurant- en conferentiebedrijf onder de handelsnamen 'Van der Valk Hotel Eindhoven' en 'Van der Valk Eindhoven'. Gedaagde, opgericht in 2012, wil een hotel exploiteren in Best nabij Eindhoven onder de naam 'Van der Valk Eindhoven Best'. Eiseres vordert dat gedaagde het gebruik van 'Eindhoven' in haar handelsnaam verbiedt, stellende dat dit verwarring veroorzaakt en inbreuk maakt op haar handelsnaamrecht.
De rechtbank toetst of het gebruik van de naam 'Van der Valk Eindhoven Best' inbreuk maakt op het handelsnaamrecht van eiseres. Hoewel beide ondernemingen dezelfde merknaam en beeldmerk gebruiken en in nabijgelegen plaatsen actief zijn, oordeelt de rechtbank dat de toevoeging van 'Best' voldoende onderscheid biedt. Dit voorkomt verwarring bij het publiek, mede omdat alle Van der Valk-vestigingen gerechtigd zijn de naam 'Van der Valk' en het woord 'hotel' te gebruiken.
De rechtbank wijst de vorderingen van eiseres af, omdat geen gevaar voor verwarring of onrechtmatig handelen is vastgesteld. Ook het inschrijven van handelsnamen in het Handelsregister door gedaagde vormt geen inbreuk. Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten van gedaagde.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van eiseres af en veroordeelt haar in de proceskosten.