Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte],
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Bewijs
In de zaak met parketnummer 01/845296-13 ten aanzien van feit 1 .
Op het adres [perceel 1].
- In de keukenkast 1 aankoopbon van de Makro van latex handschoenen voor 400 euro;
- In de keukenkast een glazen koppelstuk voor destilleer opstelling (B-05)
- In de keukenlade een koppelstuk voor mutaangas aansluiting (B-07)
- In de keukenkast onder de wasbak, 2 kannen met substantie en 1 kan met (volgens etiket) ammonium formiaat (B-03)
Op het adres [perceel 2].
- een brander met ring (12-01-01)
- drie maatbekers, een trechter en twee pollepels (12-01-02)
- een witte jerrycan met groene dop en witte speciekuip (12-01-03)
- twee branders (12-01-04)
- twee emmers, 2 maatbekers en twee drukspuiten (12-01-05)
- drie jerrycans 20 liter met (12-01-06)
- een zwarte jerrycan 20 liter bijna leeg (12-01-08)
- een zwarte jerrycan 20 liter met ongeveer 1 liter heldere vloeistof (12-01-09)
- een doos met zes kwikthermometers 250C (12-03-02)
- een aangebroken zak NA-OH merk Solvay 3 kg (12-03-03)
- 1 vacuüm sealmachine en resten wit poeder in deze machine (12-03-04)
- 1 maatbeker en 1 fles met ether (12-03-05)
- 1 gebruikte glazen scheidtrechter en 1 rondbodemkolf 500 ml, gevuld met een kleine hoeveelheid geelkleurige olieachtige vloeistof en scheidtrechter 100 ml (12-03-06). De vloeistof met ibn-code 12-03-6 is bemonsterd en voorzien van een kenmerk en een uniek monsternummer. Het SIN nummer/monsternummer is AAFG1033NL/12-03-6A.
- 3 nieuwe bolkoelers (12-03-07)
- Een fles zero cola met 100 ml vloeistof, aangetroffen op de bar (12-03-08).
- Twee jerrycans 20 liter met etiket zwavelzuur en restant zwavelzuur(12-03-09)
- 1 dichtgesealde zak met 147,9 gram pasta positief getest op amfetamine (12-03-11)
- plastic handschoenen en plastic voor het verpakken van amfetamine pasta (op de bar).
De bestemming van de aangetroffen voorwerpen en stoffen
Is er sprake van voorbereidingshandelingen?
Ten aanzien van feit 2.
In de zaak met parketnummer 01/821627-13 ten aanzien van de feiten 1, 2 en 3.
.Verbalisanten hoorden wederom dat verdachte zei: ‘Ik herken jouw gezicht, ik ga jou kapot schieten kankerwout’. Verbalisant [verbalisant 2] zag dat verdachte [verdachte] in zijn richting keek, terwijl hij dit zei. Tijdens de insluiting in een ophoudlokaal bleef verdachte de verbalisanten beledigen met de eerder genoemde woorden. [48]
De bewezenverklaring.
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
- een gevangenisstraf van 30 maanden met aftrek conform artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafrecht;
- opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis bij uitspraak;
- toewijzing van de vorderingen van de benadeelde partijen [verbalisant 1] en [verbalisant 2] van elk € 282,-- met de wettelijke rente en telkens oplegging van de maatregel 36f van het Wetboek van Strafrecht.