ECLI:NL:RBOBR:2014:3492
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering bijzondere bijstand voor kosten curatele bij verblijf woonzorgboerderij
Eiser vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van curatele over de jaren 2009 tot en met 2012. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser voldoende middelen zou hebben en omdat geen bijstand met terugwerkende kracht wordt verleend. Eiser betoogde dat de weigering onterecht was, onder meer omdat hij niet in een AWBZ-instelling verbleef maar op een woonzorgboerderij met hogere lasten.
De rechtbank oordeelde dat het verblijf op de woonzorgboerderij kwalificeert als verblijf in een inrichting zoals bedoeld in de WWB, waardoor de bijstandsnorm voor een inrichting van toepassing is. De hogere kosten door de keuze voor deze zorgvorm zijn geen bijzondere omstandigheden die een afwijking van het beleid rechtvaardigen. Daarnaast is geen bijzondere omstandigheid aangetoond die bijstand met terugwerkende kracht rechtvaardigt.
De rechtbank concludeert dat verweerder terecht het beleid heeft toegepast en de aanvraag heeft afgewezen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van bijzondere bijstand voor curatele kosten wordt ongegrond verklaard.