ECLI:NL:RBOBR:2014:7441

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
21 november 2014
Publicatiedatum
4 december 2014
Zaaknummer
01/055121-04
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38 SrArt. 38a SrArt. 38d SrArt. 38g SrArt. 38h Sr
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging na verkrachting

De ter beschikking gestelde is sinds 2005 ter beschikking gesteld vanwege een verkrachtingsdelict, waarbij de veiligheid van anderen de maatregel rechtvaardigde. Na een verlenging in augustus 2014 werd de beslissing omtrent voorwaardelijke beëindiging aangehouden voor een rapport van Reclassering Nederland.

Op 29 oktober 2014 bracht de reclassering een maatregelenrapport uit waarin werd geadviseerd de verpleging voorwaardelijk te beëindigen onder specifieke voorwaarden. Tijdens de zitting van 21 november 2014 werden de ter beschikking gestelde, zijn raadsman, de officier van justitie en de reclasseringsdeskundige gehoord.

De ter beschikking gestelde verklaarde zich akkoord met de voorwaarden, waaronder naleving van begeleidingsafspraken, het meewerken aan controles en het onthouden van strafbare feiten en middelengebruik. De rechtbank nam het advies van de reclassering over en stelde een uitgebreid pakket aan voorwaarden vast, waaronder verblijf in een forensische instelling, deelname aan dagbesteding en een mogelijke time-out plaatsing.

De rechtbank achtte de voorwaardelijke beëindiging verantwoord en voldoende waarborgend voor de veiligheid van derden. De reclassering kreeg opdracht om de ter beschikking gestelde bij de naleving van de voorwaarden te ondersteunen en te begeleiden.

Uitkomst: De rechtbank beëindigt de dwangverpleging voorwaardelijk onder strikte voorwaarden en toezicht van de reclassering.

Uitspraak

uitspraak

RECHTBANK OOST-BRABANT

Strafrecht
Parketnummer: 01/055121-04
Uitspraakdatum: 21 november 2014

Beslissing voorwaardelijk einde verpleging van overheidswege

Beslissing in de zaak van:

[terbeschikkinggestelde],

geboren te [geboorteplaats] op [1970],
verblijvende bij het [kliniek 1].

Het onderzoek van de zaak.

Bij vonnis van de rechtbank van 2 juni 2005 is betrokkene ter beschikking gesteld. Deze
terbeschikkingstelling is voor het laatst, bij beslissing van deze rechtbank van 28 augustus
2014 met één jaar verlengd. De rechtbank heeft toen de beslissing omtrent de
voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege aangehouden, teneinde
de reclassering een rapport te laten opmaken omtrent de vraag of, en zo ja, de wijze waarop
en de voorwaarden waaronder, de verpleging van overheidswege van de ter beschikking gestelde kan worden beëindigd.
Naar aanleiding van die beslissing is door Reclassering Nederland op 29 oktober 2014 een maatregelenrapport opgemaakt.
De rechtbank heeft de zaak vervolgens behandeld ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 21 november 2014. Hierbij zijn de officier van justitie, de deskundige [reclasseringsmedewerkster] van Reclassering Nederland, de ter beschikking gestelde en zijn raadsman gehoord.
In het dossier bevinden zich onder andere:
  • het rapport van Reclassering Nederland d.d. 29 oktober 2014;
  • het persoonsdossier van betrokkene.

De beoordeling.

De terbeschikkingstelling is toegepast ter zake van verkrachting, terwijl de veiligheid van anderen, dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen het opleggen van die maatregel eiste.
In
voornoemd reclasseringsrapportstaat onder meer dat Reclassering Nederland adviseert om de verpleging van overheidswege, met inachtneming van de door hen geadviseerde voorwaarden, te beëindigen.

De ter beschikking gestelde heeft verklaard, zakelijk weergegeven:

Het gaat prima met mij. Ik woon in een flat op het terrein van het [kliniek 1].
U houdt mij de door Reclassering Nederland geadviseerde voorwaarden voor waaronder de verpleging voorwaardelijk zou kunnen worden beëindigd.
Ik ben het eens met die voorwaarden. Ik denk dat wanneer ik het hier niet mee eens ben, er naar een ander traject zal worden gezocht.
Ik heb nooit drugs gebruikt.
Als ze mij vragen om mee te werken aan een controle op drugsgebruik, dan zal ik daaraan meewerken.
Ik vind het zo wel goed.
De
deskundige [reclasseringsmedewerkster], optredend namens Reclassering Nederland, heeft het navolgende, zakelijk weergegeven, verklaard:
Ik heb geen aanvullingen op het rapport. Er is niets veranderd nadat het rapport is uitgebracht. Betrokkene heeft wel een nieuwe behandelaar, omdat zijn behandelaar zwangerschapsverlof heeft.
Er is geen specifieke aanleiding voor het stellen van de voorwaarde met betrekking tot het drugsgebruik. Het is een standaardvoorwaarde. De controle op drugsgebruik zal in dit geval ook niet standaard worden ingezet, maar enkel wanneer dit nodig is.
De
raadsman van de ter beschikking gesteldeheeft aangevoerd, zakelijk weergegeven:
De vraag die rijst is of de omschrijving “in een nader aan te wijzen FPC” bij punt 12 voldoende is of dat een FPC moet worden aangewezen. Veldzicht is over een tijd uit beeld.

De officier van justitie heeft aangevoerd, zakelijk weergegeven:

In de voorwaarde zou kunnen worden opgenomen dat de time out in een door de toezichthouder te bepalen kliniek zal plaatsvinden.

De deskundige [reclasseringsmedewerkster] heeft verklaard, zakelijk weergegeven:

Het kan zo in de voorwaarde worden opgenomen zoals de officier van justitie heeft voorgesteld.

De officier van justitie heeft aangevoerd, zakelijk weergegeven:

Op 28 augustus 2014 is de verlenging van de terbeschikkingstelling aan de orde geweest. Toen is er een discussie geweest over de vraag of een voorwaardelijke beëindiging al dan niet aan de orde zou moeten zijn. Het openbaar ministerie had de voorkeur voor het klassieke traject. De rechtbank is echter een andere koers gaan varen en heeft de mogelijkheden van een voorwaardelijk beëindiging laten onderzoeken. De reclassering heeft aangegeven dat de verpleging voorwaardelijk zou kunnen worden beëindigd. Ik heb geen krachtige argumenten om mij daartegen te verzetten.
Ik ben er door het advies van de reclassering van overtuigd geraakt dat het traject van de voorwaardelijke beëindiging van de verpleging nu het best is.
De
raadsman van de ter beschikking gesteldeheeft aangevoerd, zakelijk weergegeven:
Ik verzoek u de verpleging van overheidswege voorwaardelijk te beëindigen, onder de voorwaarden zoals vermeld in het reclasseringsrapport.

De rechtbank.

De rechtbank verenigt zich met het advies van Reclassering Nederland en met hetgeen de deskundige hierover ter terechtzitting heeft verklaard en neemt dit advies over. De rechtbank is van oordeel dat betrokkene onder de hierna te stellen voorwaarden op een verantwoorde wijze de resocialisatie kan voortzetten, waarbij de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen voldoende is gewaarborgd. Gelet op al het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat de verpleging van overheidswege voorwaardelijk dient te worden beëindigd.
De ter beschikking gestelde heeft zich bereid verklaard tot naleving van na te melden bijzondere voorwaarden.
Gezien de artikelen: 38, 38a, 38d, 38g en 38h van het Wetboek van Strafrecht.

DE BESLISSING.

Beëindigt de verpleging van overheidswege voorwaardelijk voor de duur van het gegeven bevel tot terbeschikkingstelling.
Stelt daarbij als algemene voorwaarde dat de ter beschikking gestelde ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt.
Stelt daarbij tevens als bijzondere voorwaarden:
- dat betrokkene zich houdt aan de begeleidingsafspraken en aan alle aanwijzingen
die door de reclassering worden gegeven en worden opgenomen in de toezichtovereenkomst;
- dat betrokkene meewerkt aan de contacten, die bestaan uit gesprekken met de toezichthouder op/in een door de reclassering nader vast te stellen locatie en frequentie en dat betrokkene meewerkt aan de controles die worden gehanteerd;
- dat betrokkene zich voor de reclassering controleerbaar opstelt en toestemming geeft
aan de reclassering om contact te hebben met alle personen en instellingen die in deze
voorwaarden met name worden genoemd. Tevens dat hij aan deze
personen/instellingen toestemming geeft om informatie uit te wisselen met de reclassering.
- dat betrokkene zich niet schuldig maakt aan strafbare feiten;
- dat betrokkene zich niet buiten de Nederlandse landsgrenzen begeeft, tenzij dit in
overleg en met toestemming van de reclassering is;
- dat betrokkene open en transparant is over de volgende thema’s: seksualiteit
(behoeften en contacten), verliefdheid, relaties, zucht naar alcohol;
- dat betrokkene wanneer hij een relatie aan wil gaan of aangaat, hier open over is
richting het multidisciplinair team en de reclassering, dat hij zich hierin begeleidbaar opstelt en, indien noodzakelijk, meewerkt aan (relatie)therapie;
- dat betrokkene zich onthoudt van gokken, alcohol- en druggebruik en meewerkt aan (onaangekondigde) controles. En dat betrokkene, indien noodzakelijk, meewerkt aan een
aanvullend ambulant behandeltraject bij de verslavingszorg;
- dat betrokkene gebruik maakt van zijn signaleringsplan en deze adequaat weet te
hanteren;
- dat betrokkene verplicht wordt om in een forensische RIBW of een soortgelijke
instelling te verblijven en zich te houden aan de aanwijzingen die hem in het kader
van de behandeling door of namens de (geneesheer) directeur van die instelling zullen
worden gegeven en het programma dat deze voorziening in overleg met reclassering
heeft opgesteld, zolang de reclassering dit noodzakelijk acht;
- dat betrokkene dagbesteding uitoefent, aangepast aan zijn mogelijkheden en in goed
overleg met de reclassering;
- dat betrokkene zijn medewerking verleent aan een time out plaatsing van maximaal zeven weken (maximaal twee keer per jaar in te zetten) in een nader door de reclassering aan te wijzen FPC indien de voortgang wordt belemmerd of er een zeer ernstige dreiging is
van crimineel gedrag of een significante verslechtering optreedt ten aanzien van een
van de criminogene factoren.
Geeft opdracht aan Reclassering Nederland, de ter beschikking gestelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen.
Deze beslissing is gegeven door
mr. H.M. Hettinga, voorzitter,
mr. A.M. Kooijmans-de Kort en mr. J.H.L.M. Snijders, leden,
in tegenwoordigheid van mr. F. van Hulst, griffier,
en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 21 november 2014.