ECLI:NL:RBOBR:2014:7876
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling rechtspersoon voor onrechtmatige verspreiding asbest met gevaar voor gezondheid
De rechtbank Oost-Brabant heeft op 23 december 2014 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen een rechtspersoon die tussen 13 september 2010 en 28 september 2012 graafwerkzaamheden uitvoerde op een voormalige vuilstort in Nuenen. Tijdens deze werkzaamheden werd niet-hechtgebonden asbest op en in de bodem en in de lucht verspreid, waardoor gevaar voor de openbare gezondheid ontstond. Verdachte heeft haar werknemers en anderen op het terrein blootgesteld aan ernstige gezondheidsrisico's zonder adequate waarschuwingen of maatregelen.
De rechtbank achtte het wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk en wederrechtelijk asbestvezels heeft verspreid door het ontgraven, zeven en storten van asbesthoudend materiaal, en dat zij naliet de noodzakelijke voorzorgsmaatregelen te treffen. De verdediging voerde aan dat de asbestconcentraties niet deugdelijk waren vastgesteld en dat verdachte zorgvuldig had gehandeld, maar deze verweren werden verworpen.
De rechtbank stelde vast dat verdachte bewust de aanmerkelijke kans aanvaardde dat door haar werkwijze asbestvezels werden verspreid en dat zij geen regie voerde om blootstellingsrisico’s te beperken. De gedragingen werden aan de rechtspersoon toegerekend omdat zij binnen haar sfeer en ten behoeve van haar werden verricht. Gelet op de ernst van de feiten, de maatschappelijke impact en de bedrijfseconomische omstandigheden legde de rechtbank een geldboete van €150.000,- op, waarvan €50.000,- voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar.
Uitkomst: Rechtspersoon veroordeeld tot een geldboete van €150.000,- waarvan €50.000,- voorwaardelijk wegens het opzettelijk verspreiden van asbest met gevaar voor de gezondheid.