Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
V.I. zaaknummer: 99-000056-28
[verdachte],
De tenlastelegging.
De vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidsstelling.
De formele voorvragen.
Bewijs
- Een einddossier van het onderzoek 22TG120007 (Doolhof) van de Politie Oost-Brabant, Divisie Recherche, afgesloten d.d. 9 augustus 2013, aantal doorgenummerde bladzijden 1760;
- Een (los) proces-verbaal van stemherkenning van verbalisant [verbalisant 1] opgemaakt op 5 februari 2014.
Ten aanzien van feit 2.
Ten aanzien van feit 4.
Ten aanzien van feit 6.
Ten aanzien van feit 7.
Ten aanzien van feit 9.De rechtbank is van oordeel dat in het procesdossier onvoldoende wettig bewijs voorhanden is waaruit blijkt dat verdachte op of omstreeks 21 maart 2013 te Maaskantje heeft gepoogd een Volkswagen Caddy met het kenteken [kenteken 4] weg te nemen.
Inzet bijzondere opsporingsbevoegdheden.
Stemherkenning.
Ten aanzien van feit 1.
Op basis van voornoemde feiten en omstandigheden en de omstandigheden die in de weergegeven bewijsmiddelen zijn vervat, is de rechtbank voorts van oordeel dat de samenwerking tussen [verdachte], [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] zo nauw en volledig is geweest, dat de rechtbank bewezen acht dat alle drie de verdachten als medepleger op 15 maart 2013 betrokken zijn bij de diefstal van een grote hoeveelheid sieraden die toebehoorde aan [bedrijf 1].
Ten aanzien van feit 3 primair en subsidiair.
Ten aanzien van feit 5 primair en subsidiair.
Ten aanzien van de overige feiten.
De bewezenverklaring.Op grond van de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de uitgewerkte bewijsmiddelen in onderling verband en samenhang bezien, komt de rechtbank tot het oordeel dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die de strafbaarheid van verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen bewezen is verklaard.
Oplegging van straf en maatregelen.
Het verzoek tot opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis.
De vordering van de benadeelde partij [bedrijf 13]
De vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 7].
Motivering van de hoofdelijkheid.De rechtbank stelt vast dat verdachte dit strafbare feit samen met anderen heeft gepleegd. Nu verdachte en zijn mededaders samen een onrechtmatige daad hebben gepleegd, zijn zij jegens de benadeelde hoofdelijk aansprakelijk voor de totale schade.
Beslag.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
De vordering tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidsstelling met
Bijlage A.
De bewijsmiddelen.
Hij was die nacht omstreeks 03.33 uur door de beveiliger van de stand, [slachtoffer 1], gebeld waarbij deze aangaf te zijn overvallen. Hem bleek dat er diverse vitrines van de stand vernield waren en dat er een grote hoeveelheid horloges en sieraden vanuit de vitrines waren weggenomen met een totale inkoopwaarde van rond de € 650.000,-. De buit betrof onder meer een grote hoeveelheid horloges van het merk Rolex en diverse ringen en colliers met diamanten.
.[slachtoffer 1] hoorde dat één persoon op dat moment riep: 'Ga op je buik liggen'. Hij zag dat de voorste persoon een vuurwapen in zijn rechterhand hield en een koevoet in de linker hand. Hij hoorde dat de voorste man al rennend bleef roepen: 'Ga op je buik liggen, ga op je buik liggen en niet kijken'. [slachtoffer 1] was toen onmiddellijk op zijn buik gaan liggen. Op het moment dat hij lag, hoorde hij dat de zelfde persoon zei: 'Sla de ramen in van die twee kasten'. Hij hoorde dat er weer werd geroepen: 'Niet kijken, niet kijken'. [slachtoffer 1] hoorde op dat moment de ramen van de kasten achter hem sneuvelen. Hij hoorde dat er weer tegen hem werd geroepen: 'Niet kijken, niet kijken'. Vervolgens hoorde hij weer glasgerinkel van de volgende kasten. Wederom werd er geroepen 'Niet kijken, niet kijken, blijf liggen'. [slachtoffer 1] hoorde dat er toen werd gezegd: 'alles pakken, wegwezen'. Op dat moment hoorde hij dat er weer werd geroepen: 'niet kijken, we hebben alles'. Hij hoorde dat de personen weg renden waarbij weer geroepen werd dat hij niet moest kijken. Na een paar seconden had hij toch gekeken en zag hij dat de drie personen dezelfde kant op liepen als waar ze vandaan kwamen.
14.55.00 uur. [naam 1]: ja 3 zuiltjes, ik denk dat je in een minuut of twee klaar bent. (…) NN man: je moet die pakken, die zo staan, daar zit t meest waardevolle in. [naam 1] zegt de eerste 3. NN man zegt dat ze de prijzen niet lieten zien. [naam 1] zegt dat die er onder gedouwd zitten. [naam 1] zegt woorden als: die ik er uit koos zeg maar ... 50 rooien. NN man zegt: 40 (of 20%) % korting dus dan .. 30 rooien ... en dan krijg je 12 en een halve rug .. onv .... per 4 man (…) NN man: het alarm uitzetten, moet je even zo’n blokker regelen. [naam 1]: daar kan ik wel aan komen, een blokker.
Analyse ARS gegevens 14 en 15 maart 2013 (overval Brabanthallen)
Volgens de RDW gegevens van de Mercedes Benz met het kenteken [kenteken 6] is deze te naam gesteld van [naam 6], [adres 7] te Eindhoven en in gebruik bij [medeverdachte 2].
Op 21 maart 2013 te 21:58 uur wordt de Volkswagen Caddy brandend aangetroffen ter hoogte van de [adres 23] in Vlijmen. De auto is dan afkomstig van het adres [adres 1] te ’s-Hertogenbosch waar de Caddy om 2.22 uur uitpeilde.
De diefstal vond als volgt plaats: Omstreeks 09.50 uur was ik aan het werk bij bedrijf [bedrijf 13] aan [adres 4] te Wijchen. Op de camerabeelden die het terrein van [bedrijf 13] weergeven zag ik dat er omstreeks 09.52 uur een witte bestelbus, een Volkswagen Caddy voorzien van het kenteken [kenteken 13], het terrein van [bedrijf 13] op kwam rijden. Ik zag dat een man het bedrijf via de achterzijde binnen liep. Ik zag dat de man rechtstreeks naar een CV ketel en thermostraat liep die daar stond. Ik zag dat de man de CV ketel en thermostaat welke was verpakt in een doos, oppakte en meenam naar de achterzijde van het bedrijf. Ik zag dat de man het bedrijf verliet.