ECLI:NL:RBOBR:2015:1231

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
6 maart 2015
Publicatiedatum
6 maart 2015
Zaaknummer
C/01/290615 / BP RK 15-215
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Conservatoire maatregel
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 21 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot conservatoir beslag wegens schending artikel 21 Rv en herhaling zonder nieuwe omstandigheden

Verzoekster, een commanditaire vennootschap, verzocht om verlof voor conservatoir beslag op een onroerende zaak. Tijdens de mondelinge behandeling op 6 maart 2015 werd duidelijk dat tussen partijen een afspraak was gemaakt over het opheffen van executoriaal beslag na het verstrekken van een bankgarantie. Hoewel de bankgarantie op 24 december 2014 was afgegeven, was het executoriaal beslag nog niet opgeheven.

Verzoekster wilde het executoriaal beslag opheffen nadat conservatoir beslag voor dezelfde vordering was gelegd. Dit verzoek betrof dezelfde vordering als een eerder verzoek van 23 februari 2015, dat was afgewezen. Verzoekster had in het nieuwe verzoek geen melding gemaakt van het eerdere verzoek of de afwijzing daarvan, wat een schending van artikel 21 Rv Pro inhoudt.

De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek daarom terecht werd afgewezen. Daarnaast was er geen sprake van gewijzigde omstandigheden die een nieuw verzoek konden rechtvaardigen. Het gevraagde verlof tot conservatoir beslag werd dan ook geweigerd.

Uitkomst: Het verzoek tot verlof voor conservatoir beslag wordt geweigerd wegens schending van artikel 21 Rv en het ontbreken van gewijzigde omstandigheden.

Uitspraak

beschikking

RECHTBANK OOST-BRABANT

Handelsrecht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
zaaknummer / rekestnummer: C/01/290615 / BP RK 15-215
Beschikking van de voorzieningenrechter van 6 maart 2014
in de zaak van
commanditaire vennootschap
[verzoekster],
gevestigd te [vestigingsplaats],
verzoekster,
advocaat mr. C.J.T. Smeets te Ommel-Asten
en
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
[gerekestreerde],
gevestigd te [vestigingsplaats],
gerekestreerde.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
  • Het verzoekschrift met producties, genummerd 1 tot en met 4;
  • De mondelinge behandeling ter zitting van 6 maart 2015 waar mr. Smeets is verschenen en gehoord. Tevens is verschenen en gehoord de heer [naam beheerder], beheerder van verzoekster.

2.De beoordeling

2.1.
Naar aanleiding van het verzoek van 2 maart 2015 met 4 producties zijn op 6 maart 2015 de advocaat van verzoekster en haar beheerder gehoord. Desgevraagd heeft de advocaat van verzoekster gezegd dat mr. Kemps namens verweerster verzoekster heeft geïnformeerd de onroerende zelf onderhands te willen verkopen. Nadat het vonnis van 9 juli 2014 aan verweerster was betekend en executoriaal beslag op de onroerende zaak was gelegd, is tussen partijen afgesproken dat het executoriale beslag zal worden opgeheven nadat door verweerster een bankgarantie zou zijn verstrekt. De bankgarantie is op 24 december 2014 afgegeven, maar het executoriale beslag is nog niet door verzoekster opgeheven. Verzoekster is voornemens het executoriale beslag op te heffen nadat voor de vordering waarvoor thans verlof voor conservatoir beslag wordt gevraagd, conservatoir beslag is gelegd. Ook dit verzoek zal worden afgewezen. Verlof wordt gevraagd voor dezelfde vordering als waarvoor door middel van het eerdere verzoek van 23 februari 2015 verlof is gevraagd. Verzoekster heeft geen melding gemaakt in het verzoek van 2 maart 2015 van het eerder verzoek noch van de daarop gevolgde afwijzing. Thans maakt verzoekster melding van het executoriale beslag, terwijl daar eerder geen melding van is gemaakt. Verzoekster heeft wederom art. 21 Rv Pro geschonden, hetgeen de afwijzing van het verzoek rechtvaardigt. Afwijzing dient ook te geschieden omdat verzoekster, terwijl geen sprake is van gewijzigde omstandigheden, voor dezelfde vordering nogmaals verlof vraagt voor beslag op hetzelfde object.
2.2.
Het gevraagde verlof zal dan ook worden geweigerd.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter:
weigert het gevraagde verlof.
Deze beschikking is gegeven door mr. E. Loesberg op 6 maart 2015.