Uitspraak
[verdachte],
(bijlage 1),is
2.
3.
4.
(3, 4).Verdachte woonde hier met zijn vriendin
(1).Verdachte geeft in een schrijven aan dat ‘de 2.000 euro’ van hem zijn
(5).Uit gegevens van de Belastingdienst is niet gebleken van door verdachte genoten loon of inkomen in de periode van 1 januari 2013 tot en met 4 juli 2014
(6).Dit vindt bevestiging in de verklaring van verdachte
(7).Verdachte heeft geen aannemelijke verklaring gegeven omtrent de herkomst van het aangetroffen geldbedrag, terwijl dit van hem gelet op voornoemde feiten en omstandigheden wel gevergd kan worden. Bij gebreke van een dergelijke verklaring kan naar het oordeel van de rechtbank het redelijkerwijs niet anders zijn dan dat het aangetroffen geld afkomstig is van enig misdrijf. De rechtbank acht het bij gebreke van enig aanknopingspunt voor het tegendeel aannemelijk dat dit geldbedrag afkomstig is van een door verdachte zelf begaan misdrijf. In zoverre kan dit feit worden bewezen zoals hierna uitgeschreven.
(8,9,10).Verdachte woonde op genoemd adres samen met zijn vriendin
(1).De inhoud van een van de jerrycans is bemonsterd en door het NFI onderzocht en blijkt formamide te bevatten
(11, 12, 13).
(13).
(1,2).Op 4 juli 2014 zijn op het perceel van [adres 3] te [plaats] onder meer de navolgende voorwerpen/stoffen aangetroffen en vervolgens bemonsterd en nader door het NFI onderzocht, met als resultaat:
(16)
(17).
14).Tevens werd in de woning een blaadje aangetroffen met daarop handgeschreven aantekeningen
(14, 15).Deze aantekeningen passen naar het oordeel van de rechtbank bij het hiervoor door rapporteur Hulshof beschreven procedé voor de vervaardiging van BMK uit APAAN. Dit oordeel wordt versterkt door de diverse op deze locatie aangetroffen (afval)stoffen en voorwerpen van/voor een dergelijk omzettingsproces.
18, 19). Verdachte woonde
(1)en heeft bij de politie erkend dat de kwekerij en planten van hem zijn
(24).Anders dan de verdediging heeft de rechtbank, ondanks het ontbreken van een indicatieve test, geen enkele twijfel dat de planten daadwerkelijk hennep bevatten.
(19)en de rechtbank geen enkele aanleiding ziet om aan diens bevindingen te twijfelen. Dit oordeel wordt versterkt door de in keuken aangetroffen (gedroogde) henneptoppen en het in de woonkamer aangetroffen gripzakje
(20, 21, 22)die beide met een positief resultaat op de aanwezigheid (indicatief) zijn getest
(23)en waarvan de rechtbank het aannemelijk acht dat deze afkomstig zijn van een eerdere oogst van de onderhavige kwekerij. De rechtbank acht dan ook bewezen dat verdachte hennepplanten voorhanden heeft gehad zoals hierna vermeld.