ECLI:NL:RBOBR:2015:3319
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde biologische varkenshouderij na bezwaar
Eiser, eigenaar van een biologische varkenshouderij met woning en bijgebouwen, maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde per 1 januari 2013. Verweerder stelde een lagere waarde voor, gebaseerd op een taxatierapport dat gebruikmaakt van landelijke taxatiewijzers en regionale verkoopgegevens. De rechtbank beoordeelde of deze waarde aannemelijk was en of de door eiser aangevoerde lagere waarde gegrond was.
De rechtbank concludeerde dat verweerder voldoende aannemelijk had gemaakt dat de voorgestelde waarde niet te hoog was, mede omdat er geen recente verkooptransacties van vergelijkbare biologische varkenshouderijen beschikbaar waren. De door eiser aangevoerde lagere waarde was onvoldoende onderbouwd. Een aangevoerde transactie uit 2014 werd niet als bruikbaar verkoopcijfer beschouwd omdat de varkenshouderij niet als zodanig werd voortgezet.
De rechtbank besloot daarom de WOZ-waarde te verlagen naar de door verweerder voorgestelde waarde en de daarop gebaseerde aanslag onroerende-zaakbelastingen dienovereenkomstig te verminderen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van het betaalde griffierecht en proceskosten voor eiser.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de biologische varkenshouderij wordt verlaagd en de aanslag OZB dienovereenkomstig verminderd.