Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Parketnummer vordering: 05/133848-13
Rechtbank Oost-Brabant
Op 7 april 2015 vond een confrontatie plaats te Berghem waarbij verdachte het slachtoffer bedreigde met een nauwelijks van echt te onderscheiden balletjespistool. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte het slachtoffer opzettelijk dreigend met dit voorwerp heeft bedreigd.
Verdachte werd vrijgesproken van de tenlasteleggingen openlijk geweld in vereniging en het bezit van 74 gram amfetamine, omdat deze feiten niet wettig en overtuigend bewezen konden worden. Verdachte voerde noodweer aan, maar dit verweer werd verworpen omdat de situatie geen noodweersituatie vormde en verdachte de confrontatie bewust opzocht.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van zes maanden op, waarvan drie maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, gekoppeld aan bijzondere voorwaarden zoals reclasseringstoezicht, deelname aan een leefstijltraining en ambulante behandeling. Tevens werd een taakstraf opgelegd ter vervanging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf.
De strafmaat werd gematigd vanwege erkenning van schuld, berouw en genormaliseerde relatie met het slachtoffer. De rechtbank benadrukte het ernstige karakter van het feit vanwege de angst en onveiligheid die het veroorzaakte, mede door het gebruik van een vuurwapenachtig voorwerp op de openbare weg.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot zes maanden gevangenisstraf waarvan drie maanden voorwaardelijk voor bedreiging met een op een vuurwapen gelijkend voorwerp en vrijgesproken van openlijk geweld en bezit van amfetamine.