ECLI:NL:RBOBR:2015:5794
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs betrokkenheid bij hennepkwekerij in woning
In deze strafzaak stond verdachte terecht wegens het vermeend telen en aanwezig hebben van ongeveer 497 hennepplanten in een woning waarvan hij eigenaar was, alsmede het illegaal wegnemen van elektriciteit. De hennepkwekerij werd aangetroffen in een pand waar verdachte niet verbleef.
De rechtbank heeft vastgesteld dat ondanks het eigenaarschap van de woning door verdachte, onvoldoende bewijs is geleverd dat hij betrokken was bij de hennepkwekerij. Verdachte verklaarde de woning te hebben verhuurd aan een huurder, maar de politie heeft dit niet verder onderzocht. Getuigenverklaringen waren onvoldoende om verdachte gedurende de periode van de kwekerij in de woning te plaatsen. Bovendien waren er andere personen aanwezig in de woning die mogelijk betrokken waren.
De rechtbank concludeert dat er alternatieve scenario's bestaan die niet met redelijke twijfel kunnen worden uitgesloten, waardoor verdachte integraal vrijgesproken wordt van alle ten laste gelegde feiten. De officier van justitie werd ontvankelijk verklaard, maar het bewijs ontbrak voor een veroordeling.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van betrokkenheid bij de hennepkwekerij en elektriciteitsdiefstal.