Verdachte heeft samen met een mededader op 30 april 2015 een inbraak gepleegd in een juwelierszaak te Schijndel waarbij een aanzienlijke hoeveelheid sieraden werd weggenomen door middel van braak. De inbraak veroorzaakte materiële schade en overlast voor omwonenden, wat het veiligheidsgevoel aantastte.
De rechtbank achtte de tenlastelegging wettig en overtuigend bewezen en veroordeelde verdachte tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 10 weken, rekening houdend met de aard van het misdrijf en persoonlijke omstandigheden. Daarnaast werd een schadevergoeding van €1.500 toegewezen voor materiële schade.
Tevens werd de vordering van de officier van justitie tot herroeping van de voorwaardelijke invrijheidsstelling van 425 dagen toegewezen, omdat verdachte zich tijdens de proeftijd opnieuw schuldig had gemaakt aan een strafbaar feit. Verdachte werd veroordeeld tot het ondergaan van de nog niet uitgevoerde gevangenisstraf.
De rechtbank wees een deel van de schadevordering af wegens onvoldoende onderbouwing en verwees de benadeelde partij naar de civiele rechter voor verdere afhandeling. De inbeslaggenomen goederen werden aan verdachte teruggegeven.
Het vonnis werd bij verstek gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Oost-Brabant op 30 oktober 2015.