Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
Parketnummer vordering: 01/845425-14
Rechtbank Oost-Brabant
Op 8 augustus 2015 bedreigde verdachte zijn ex-partner met woorden die inhielden dat zij en een ander persoon zouden worden gedood indien zij niet terugkeerde of bij hem weg ging. De rechtbank achtte deze bedreiging wettig en overtuigend bewezen. Verdachte werd eerder veroordeeld voor geweldsdelicten en liep op het moment van het nieuwe feit een proeftijd.
Psychologisch onderzoek toonde aan dat verdachte leed aan een persoonlijkheidsstoornis met cluster B trekken, zwakbegaafdheid en een verslavingsproblematiek. De deskundigen adviseerden een klinische opname en behandeling, evenals reclasseringstoezicht. De rechtbank volgde dit advies en legde een deels voorwaardelijke gevangenisstraf op, gekoppeld aan klinische behandeling en ambulante zorg.
De rechtbank verlengde tevens de proeftijd van een eerdere veroordeling met één jaar en voegde als bijzondere voorwaarde toe dat verdachte zich klinisch laat behandelen in een forensische psychiatrische instelling. De straf en voorwaarden zijn gericht op normhandhaving en het voorkomen van recidive, waarbij rekening is gehouden met de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 188 dagen gevangenisstraf, waarvan 60 dagen voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden waaronder klinische behandeling en reclasseringstoezicht.