ECLI:NL:RBOBR:2015:7659
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor handel en bezit van cocaïne en heroïne met voorwaardelijke gevangenisstraf en taakstraf
De rechtbank Oost-Brabant heeft verdachte veroordeeld voor het in vereniging handelen in cocaïne en heroïne en het opzettelijk voorhanden hebben van respectievelijk 15,09 gram cocaïne en 26,98 gram heroïne. De bewezenverklaring is gebaseerd op verklaringen van meerdere drugsafnemers, die verdachte herkend hebben op foto’s, en op het aantreffen van bolletjes drugs in het nektasje van verdachte.
De rechtbank acht de enkelvoudige fotoconfrontaties betrouwbaar en bruikbaar als bewijs, ondanks het ontbreken van een meervoudige confrontatie. De verklaringen van de afnemers zijn onderling consistent en worden ondersteund door het feit dat verdachte werd aangetroffen met de drugs en meerdere telefoons die in contact stonden met afnemers.
Verdachte ontkent betrokkenheid bij drugshandel en stelt het nektasje in bewaring te hebben genomen van een ander, maar deze verklaring wordt door de rechtbank niet geloofwaardig geacht. Gelet op de ernst van de feiten, de omvang en duur van de handel, legt de rechtbank een gevangenisstraf van 212 dagen op, waarvan 180 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en een taakstraf van 240 uren. Daarnaast worden diverse inbeslaggenomen goederen verbeurd verklaard of onttrokken aan het verkeer.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 212 dagen gevangenisstraf waarvan 180 dagen voorwaardelijk en 240 uur taakstraf voor handel en bezit van cocaïne en heroïne.