ECLI:NL:RBOBR:2015:7756

Rechtbank Oost-Brabant

Datum uitspraak
14 december 2015
Publicatiedatum
15 januari 2016
Zaaknummer
C/01/299770 / KG ZA 15-644
Instantie
Rechtbank Oost-Brabant
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Op tegenspraak
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelvonnis correctie stallingskosten in kort geding tussen eiseres en Altius Horses B.V.

In deze civiele kortgedingprocedure verzocht eiseres via haar advocaat om verbetering van het eerder gewezen vonnis van 27 november 2015. De verbetering betrof een kennelijke fout in rechtsoverweging 3.2, waarin abusievelijk werd vermeld dat Altius Horses B.V. stallingskosten had betaald, terwijl het ging om niet-betaalde stallingskosten.

De voorzieningenrechter gaf partijen gelegenheid tot reactie op het verzoek. Na overleg en het inwinnen van standpunten, oordeelde de voorzieningenrechter dat sprake was van een eenvoudige en duidelijke fout die zonder meer kon worden hersteld.

Het herstelvonnis van 14 december 2015 wijzigde de betreffende passage in het vonnis van 27 november 2015, zodat correct werd vastgesteld dat Altius Horses B.V. de stallingskosten nog niet had voldaan. Tevens werd bepaald dat deze wijziging op de minuut van het oorspronkelijke vonnis werd vermeld en dat partijen het vonnis na ontvangst van het herstelvonnis aan de griffie moesten retourneren.

Uitkomst: Het vonnis van 27 november 2015 is hersteld door correctie van de foutieve vermelding over betaalde stallingskosten.

Uitspraak

vonnis

RECHTBANK OOST-BRABANT

Civiel Recht
Zittingsplaats 's-Hertogenbosch
zaaknummer / rolnummer: C/01/299770 / KG ZA 15-644
Herstelvonnis van 14 december 2015
in de zaak van
[eiseres],
wonende te [woonplaats],
eiseres,
advocaat mr. M.A.J. Jansen te Amsterdam,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ALTIUS HORSES B.V.,
gevestigd te Heusden,
gedaagde,
gemachtigde mr. M. Üffing te Coevorden.
Partijen zullen hierna [eiseres] en Altius Horses B.V. genoemd worden.

1.Het verzoek tot verbetering

1.1.
Bij brief van 30 november 2015 heeft mr. Jansen de voorzieningenrechter verzocht om verbetering van het op 27 november 2015 in deze zaak gewezen vonnis, in die zin dat rechtsoverweging 3.2 wordt aldus wordt gewijzigd dat daar waar staat “De stallingskosten die Altius tot op heden heeft betaald voor [eiseres] bedragen, van 28 november 2014 tot en met oktober 2015, 11 x € 400,00 = € 4.400,00” wordt gewijzigd in: “De stallingskosten die Altius tot op heden niet heeft betaald voor [eiseres] bedragen, van 28 november 2014 tot en met oktober 2015, 11 x € 400,00 = € 4.400,00.”
1.2.
De voorzieningenrechter heeft mr. Wensing in de gelegenheid gesteld zich over dit verzoek uit te laten.
1.3.
Bij brief van 1 december 2015 heeft [naam], office manager van het kantoor van mr. Wensing namens mr. Wensing een week uitstel gevraagd om te reageren op het verzoek van mr. Jansen, neergelegd in diens brief van 30 november 2015.
1.4.
Bij brief van 2 december 2015 heeft mr. Jansen de voorzieningenrechter verzocht om met spoed een herstelvonnis te wijzen.
1.5.
Bij brief van 8 december 2015 heeft mr. Wensing aangegeven zich te refereren aan het oordeel van de voorzieningenrechter.
2. De beoordeling
2.1.
De voorzieningenrechter is van oordeel dat in het vonnis van 27 november 2015 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De voorzieningenrechter zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.

3.De beslissing

De voorzieningenrechter:
3.1.
bepaalt dat rechtsoverweging 3.2. van het op 27 november 2015 tussen [eiseres] en Altius Horses B.V. gewezen vonnis, waar staat
“De stallingskosten die Altius tot op heden heeft betaald voor [eiseres] bedragen, van 28 november 2014 tot en met oktober 2015, 11 x € 400,00 = € 4.400,00”
wordt gewijzigd in
“De stallingskosten die Altius tot op heden niet heeft betaald voor [eiseres] bedragen, van 28 november 2014 tot en met oktober 2015, 11 x € 400,00 = € 4.400,00.”
3.2.
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 14 december 2015 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 27 november 2015,
3.3.
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van het vonnis van 27 november 2015 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen door mr. E. Loesberg en in het openbaar uitgesproken op 14 december 2015.