Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte],
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
Het standpunt van de officier van justitie.
Het standpunt van de verdediging.
Het oordeel van de rechtbank.
DE UITSPRAAK
vrij.
Rechtbank Oost-Brabant
De rechtbank Oost-Brabant behandelde de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van poging tot doodslag en bedreiging met een vuurwapen op 2 oktober 2013 te Heesch.
De officier van justitie en de verdediging waren het eens dat er onvoldoende wettig en overtuigend bewijs was om verdachte te veroordelen. Tijdens de terechtzittingen op 22 oktober 2014 en 4 februari 2015 werd vastgesteld dat er geen bewijsmiddelen waren die aantonen dat verdachte daadwerkelijk met een vuurwapen heeft geschoten of dat hij een vuurwapen in handen had waarmee hij anderen heeft bedreigd.
De rechtbank oordeelde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen kon worden en sprak verdachte daarom vrij van alle ten laste gelegde feiten. Het vonnis werd uitgesproken op 18 februari 2015 door een meervoudige kamer van de rechtbank Oost-Brabant.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs dat hij heeft geschoten of bedreigd met een vuurwapen.