ECLI:NL:RBOBR:2016:141
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor aanrijding, doorrijden en mishandeling agent
Verdachte veroorzaakte op de snelweg een verkeersongeval door roekeloos en aanmerkelijk onvoorzichtig rijgedrag, waarbij twee inzittenden van een andere auto een gebroken borstbeen opliepen. Na het ongeval reed verdachte door zonder zijn identiteit kenbaar te maken, wat strafbaar is gesteld.
Bij de aanhouding sloeg verdachte een agent in het gezicht, wat leidde tot een mishandelingscharge. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte zich schuldig maakte aan deze feiten, maar sprak hem vrij van het niet voldoen aan een bevel tot blazen op een drager omdat dit niet was gegeven.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, de recidive van verdachte en zijn pril positieve ontwikkeling na het delict. Daarom werd een taakstraf van 160 uur, een voorwaardelijke gevangenisstraf van één maand met een proeftijd van twee jaar en een rijontzegging van twaalf maanden opgelegd. Tevens werd een immateriële schadevergoeding van 100 euro aan het slachtoffer van mishandeling toegewezen.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot taakstraf, voorwaardelijke gevangenisstraf en rijontzegging wegens verkeersongeval met letsel, doorrijden en mishandeling agent.