Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de voorzieningenrechter van 14 april 2016 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
“Ik [brigadier] hoorde dat van [persoon C] uit eigen beweging verklaarde dat het zijn wapens waren. Hij had de vuurwapens omdat hij in buitengebied woonde en in de gevaarlijkste branche van Nederland werkte”.De enkele stelling van verzoekers dat [persoon C] dit niet heeft gezegd, is onvoldoende om deze verklaring in twijfel te trekken.
de onderhavige locatie, volgt al dat de opslag van zogenoemde stashes bepaalde veiligheidsrisico’s met zich brengt. Dat deze risico’s zich in het hier aan de orde zijnde geval niet hebben geopenbaard in de vorm van overlast en drugsgerelateerde problemen, leidt niet tot het oordeel dat verweerder met een waarschuwing had moeten volstaan. Volgens vaste rechtspraak is overlast geen voorwaarde om tot handhaving te kunnen overgaan (zie onder meer de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van 30 maart 2016, ECLI:NL:RVS:2016:950) en bovendien mag verweerder ook uit het oogpunt van preventie en het willen voorkomen van precedentwerking ook besluiten tot handhavend optreden. Verweerder hoeft dus niet eerst te wachten tot zich concrete problemen hebben voorgedaan.
Beslissing
mr. D.M. Manie, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 april 2016.