Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.[gedaagde sub 1/vader] ,
[gedaagde sub 2/moeder],
1.De procedure
- de dagvaarding van 28 april 2016 met 14 producties
- de conclusie van antwoord van 3 mei 2016 met 17 producties
- de brief van 8 mei 2016 van de zijde van [eiser/zoon] met producties 15 en 16
- de brief van 9 mei 2016 van de zijde van [eiser/zoon] met productie 17
- de brief van 9 mei 2016 van de zijde van de ouders met producties 18 en 19
- de mondelinge behandeling die plaats vond op 9 mei 2016
- de pleitnota van [eiser/zoon]
- de pleitnota van de ouders.
2.De feiten
zes en tachtig duizend vijfhonderd euro
een honderd twintig duizend euro
twee honderd zes duizend vijf honderd euro € 206.500,00
twee honderd zes duizend vijf honderd euro (€ 206.500,00);
3.Het geschil
4.De beoordeling
816,00