Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte] ,
De tenlastelegging.
zij in of omstreeks de periode 1 maart 2010 tot en met 30 september 2010 te Bakel, gemeente Gemert-Bakel, althans in Nederland, samen en in vereniging met één of meer anderen, althans alleen, al dan niet opzettelijk een in of op [adres] gelegen inrichting, te weten een inrichting voor een varkenshouderij en een biogasinstallatie, zijnde een inrichting genoemd in Categorie 1 en/of 2 en/of 7 en/of 8 van de bij het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer behorende Bijlage I, in elk geval een inrichting genoemd in voormelde Bijlage I,
- zonder daartoe verleende vergunning heeft veranderd of de werking daarvan heeft veranderd door het (telkens) innemen en/of opslaan en/of verwerken van - buiten de inrichting afkomstige - (gevaarlijke) (bedrijfs)afvalstoffen, te weten een of meer vrachten/transporten (product) 'bijtende basische organische vloeistof, N.E.G.' (ADR klasse 8, UN 3267) en/of een vracht/transport (product) azijnzuuroplossing met methanol, althans een of meer vrachten/transporten niet in bijlage Aa onder IV van de Uitvoeringsregeling Meststoffenwet vallende, 'eindproduct(en) van (een) bewerkingsprocédé(s) dat/die als meststof(fen) kan/kunnen worden verhandeld' (co-substraat/substraten) en/of
- nadat die inrichting was veranderd of de werking daarvan was veranderd deze inrichting ten aanzien van die veranderingen en/of die veranderde werking zonder daartoe verleende vergunning in werking heeft gehad;
zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 1 maart 2010 tot en met 30 september 2010 te Bakel, gemeente Gemert-Bakel, althans in Nederland, al dan niet opzettelijk, in strijd heeft gehandeld met een of meer voorschriften van een aan haar bij besluit van 22 december 2009 door Burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel verleende milieuvergunning , aangezien toen aldaar (telkens),
zij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode 1 oktober 2010 tot en met 1 maart 2011 te Bakel, gemeente Gemert-Bakel, althans in Nederland, al dan niet opzettelijk, heeft gehandeld in strijd met een of meer voorschriften verbonden aan een omgevingsvergunning die betrekking had op activiteiten als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid, onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, te weten de - bij besluit van 22 december 2009 - door Burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel aan haar verleende milieuvergunning, aangezien toen aldaar (telkens),
De formele voorvragen.
De geldigheid van de dagvaarding en de bevoegdheid van de rechtbank.
De ontvankelijkheid van de officier van justitie.
Schorsing der vervolging.
De bewijsmiddelen en de beoordeling daarvan.
Inleiding.
De standpunten van de officier van justitie en van de verdediging.
Het oordeel van de rechtbank.
De bewezenverklaring.
in de periode 1 maart 2010 tot en met 30 september 2010 te Bakel, gemeente Gemert-Bakel, opzettelijk een op [adres] gelegen inrichting, te weten een inrichting voor een varkenshouderij en een biogasinstallatie, zijnde een inrichting genoemd in Categorie 1 en/of 2 en/of 7 en/of 8 van de bij het Inrichtingen- en vergunningenbesluit milieubeheer behorende Bijlage I,
- zonder daartoe verleende vergunning heeft veranderd door het telkens innemen en opslaan en verwerken van - buiten de inrichting afkomstige - gevaarlijke bedrijfsafvalstoffen, te weten vrachten/transporten (product) 'bijtende basische organische vloeistof, N.E.G.' (ADR klasse 8, UN 3267) en een vracht/transport (product) azijnzuuroplossing met methanol en
- nadat die inrichting was veranderd deze inrichting ten aanzien van die veranderingen zonder daartoe verleende vergunning in werking heeft gehad;
op tijdstippen in de periode 1 maart 2010 tot en met 30 september 2010 te Bakel, gemeente Gemert-Bakel, opzettelijk in strijd heeft gehandeld met voorschriften van een aan haar bij besluit van 22 december 2009 door Burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel verleende milieuvergunning , aangezien toen aldaar telkens,
op tijdstippen in de periode 1 oktober 2010 tot en met 1 maart 2011 te Bakel, gemeente Gemert-Bakel, opzettelijk heeft gehandeld in strijd met voorschriften verbonden aan een omgevingsvergunning die betrekking had op activiteiten als bedoeld in artikel 2.1., eerste lid, onder e van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, te weten de - bij besluit van 22 december 2009 – door Burgemeester en wethouders van Gemert-Bakel aan haar verleende milieuvergunning, aangezien toen aldaar telkens,
De strafbaarheid van het feit.
De strafbaarheid van verdachte.
Oplegging van straf en/of maatregel.
Algemeen.
Strafverzwarende omstandigheden.
Strafmatigende omstandigheden.
Toepasselijke wetsartikelen.
DE UITSPRAAK
Ten aanzien van het onder 1 bewezen verklaarde feit.
Overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 8.1, eerste lid, aanhef en onder b en c, van de Wet milieubeheer, telkens opzettelijk begaan door een rechtspersoon.
Ten aanzien van het onder 2 bewezen verklaarde feit.
Overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 18.18 van de Wet milieubeheer, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd.
Ten aanzien van het onder 1 bewezen verklaarde feit.
Overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 2.3, aanhef en onder b, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, opzettelijk begaan door een rechtspersoon, meermalen gepleegd.
geldboete van € 15.000,--[vijftienduizend euro].