Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
- het tussenvonnis van 13 april 2016, met de daarin vermelde processtukken;
- de ten behoeve van de rolzitting van 10 februari 2016 binnengekomen akte, houdende overlegging processtukken, van de zijde van [eiser] ;
- het proces-verbaal van comparitie van 21 september 2016 en de reactie daarop van de zijde van [gedaagde] bij brief van 12 augustus 2016, ter griffie binnengekomen op 15 augustus 2016.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
”.