Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
aangiftegedaan van een gewapende overval op 13 december 2012 te 04.27 uur door twee mannen met een getinte huidskleur. Hij is met een op een vuurwapen gelijkend voorwerp tegen zijn hoofd geslagen en heeft gehoord dat de mannen geld willen hebben. [benadeelde 1] heeft in de opslagruimte de kluis voor de overvallers geopend en zij hebben vervolgens de kluis leeggehaald en zijn via de nooduitgang weer vertrokken. De overvallers spraken met een dialect, Marokkaans of Turks, in de Nederlandse taal (pagina’s 24 en 25). In het
verhoor van 14 december 2012heeft aangever verklaard dat zij in totaal 2858,- euro aan contanten missen. De zwarte enveloppe portemonnee met briefgeld uit de kassa is ook weggenomen, maar deze is later teruggevonden, daaruit missen zij 5 briefjes van 20,- euro. (pagina 29).
[verbalisant 1]heeft hierover in zijn proces-verbaal van bevindingen d.d. 22 december 2012 het volgende gerelateerd (pagina 55):
proces-verbaal 126dd Sv ‘gebruik van gegevens voor een ander doel’d.d. 25 juni 2013, is in het onderzoek ‘Goudtetra’ telecommunicatie afgeluisterd, gevoerd met voornoemd nummer [telefoonnummer 1] . In een afgeluisterd telefoongesprek van 14 december 2012 te 23.35.35 uur wordt de gebruiker van de telefoon met nummer [telefoonnummer 1] gebeld door een [betrokkene 1] vrouw die de gebruiker van genoemd nummer [betrokkene 1] noemt. [betrokkene 1] vrouw zegt dat er is ingebroken en dat ze ook op de kamer van [betrokkene 1] zijn geweest. Op 14 december 2012 te 23.39.44 uur wordt de gebruiker van de telefoon met nummer [telefoonnummer 1] gebeld door een andere [betrokkene 1] vrouw. Ook zij noemt de gebruiker van de telefoon met het nummer [telefoonnummer 1] [betrokkene 1] . Het gesprek gaat over de inbraak in de woning van [betrokkene 1] . [betrokkene 1] zegt dat zojuist [betrokkene 2] heeft gebeld. Uit een onderzoek in het bedrijfsprocessensysteem van de politie Brabant Zuid-Oost bleek dat op 14 december 2012 was ingebroken op [adres 2] . Uit een onderzoek in de GBA bleek dat op dat adres [verdachte] staat ingeschreven (pagina’s 286 tot en met 288).
bevindingen verwerking van de verkeersgegevens, opgemaakt door [verbalisant 4]op 26 juni 2013, blijkt het volgende (pagina 321):
proces-verbaal sporenonderzoekd.d. 13 februari 2013 zijn in de directe nabijheid van de plaats delict een aantal sporen aangetroffen en veiliggesteld. Dienaangaande hebben verbalisanten [verbalisant 5] en [verbalisant 6] het volgende gerelateerd (pagina’s 33 tot en met 35):
speekselbemonsterd, veiliggesteld, gewaarmerkt en voorzien van SIN
AAFS9964NL.
blikjeSIN AAFS9967NL
blikjeSIN AAFS9969NL.
rapport van het NFI d.d. 29 maart 2013blijkt dat zowel wat betreft de fluim met SIN AAFS9964NL als wat betreft het blikje met SIN AAFS9970NL sprake is van een DNA-match met het DNA-profiel van medeverdachte [medeverdachte 2] , met een matchkans kleiner dan een op een miljard (pagina 334).
rapport van het NFI d.d. 4 juli 2013blijkt dat wat betreft het blikje met SIN AAFS9968NL sprake is van een DNA-match met het DNA-profiel van [verbalisant 3] , met een matchkans kleiner dan een op een miljard (pagina’s 406 en 407).
verklaring van 19 september 2013geeft [getuige 1] nog het volgende aan (pagina 382): Ik weet nog dat [verdachte] mij vertelde dat hij tijdens een overval op een frietzaak geld had laten vallen, dat hij samen was met een ander en dat die ander zei dat hij door moest rennen.
36 maanden.